PUNTEN TER
OVERWEGING
Deze vragen zijn bedoeld als hulpmiddel om u aan te sporen na te denken
over de behandelde onderwerpen in deze les en u te helpen ze toe te passen
in uw persoonlijke leven. We stellen voor dat u de tijd neemt om de antwoorden
op de vragen op te schrijven en te vergelijken met de gegeven schriftgedeelten.
U kunt ons altijd schrijven met op- of aanmerkingen of vragen over de
cursus of deze les.
• Veel mensen roemen hun eigen prestaties. Waar zouden we in moeten
roemen? (Jeremia 9:23,24).
• Wie is verantwoordelijk voor de duisternis en misleiding waarin
de wereld verstrikt is? (2 Korinthiërs 4:4; Openbaringen 12:9).
• De wereld is vervuld van valse waarden. Naar wie moeten we opzien
voor de basis van juiste kennis? (Spreuken 2:6).
• Wat was voor Koning David, een productieve schrijver van de Oud
Testamentische geschriften, de bron van zijn inspiratie? (2 Samuël
23:2; 2 Petrus 1:21; 1 Samuël 16:13).
• Welke koning beval dat een deel van God’s Woord in stukken
werd gesneden en verbrand? Slaagde hij erin God’s Woord te vernietigen?
(Jeremia 36:1-32).
• Jezus Christus en schrijvers van het Nieuwe Testament beriepen
zich vaak op vroegere schrijvers. Welke Hebreeuwse profeet uit het deel
Geschriften in het Oude Testament wordt door Jezus Christus in het bijzonder
aangehaald in Zijn profetie op de Olijfberg? (Mattheüs 24:15; Marcus
13:14).
• In wat we nu het Nieuwe Testament noemen, lieten vele aanhangers
van Jezus Christus een blijvend verslag na van Zijn leven en prediking
en het werk van de apostelen. Dit waren ooggetuigenverslagen. Waarom werden
deze verslagen aan ons nagelaten? (Johannes 20:30, 31).
• Wat zijn de twee grote geboden? (Deuteronomium 6:5; Leviticus
19:18; Mattheüs 22:37-40).
• Bijbelse kennis vormt de basis voor onze relatie met God en elkaar.
Hoelang zal dit voort duren? (1 Petrus 1:24, 25).
|