|
Het diepgaande voorbeeld van het lijden van Jezus Christus
Waarom leed Jezus Christus?
“Want ook Christus is eenmaal om de zonden gestorven als rechtvaardige
voor onrechtvaardigen, opdat Hij u tot God zou brengen…” (1
Petr. 3:18).
Christus leed niet omdat Hij dat had verdiend. Hij doorstond het lijden
in ons voordeel: om te helpen met het vervullen van Gods doel met ons.
Gedurende Zijn dienaarschap werd Jezus Christus bespot, veracht en verworpen
door de religieuze leiders van Zijn tijd. Dit was een groot deel van Zijn
persoonlijke beproevingen vóór Zijn kruisiging. Zijn landgenoten
eisten Zijn executie.
Uiteindelijk verlieten zelfs Zijn discipelen Hem, zodat Hij Zijn lot alleen
moest ondergaan. “Hij was veracht en van mensen verlaten, een man
van smarten en vertrouwd met ziekte” (Jes. 53:3). “Hij kwam
tot het zijne, en de zijnen hebben Hem niet aangenomen” (1 Joh.
1:11). Hij doorstond het complete scala aan menselijk lijden.
Nadat Hij de dood had overwonnen door de opstanding uit de doden, legde
Jezus onmiddellijk aan Zijn discipelen de noodzaak van Zijn lijden uit
(Luk. 24:46). Aangezien Hij zonder zonde was, leed Hij niet voor Zijn
eigen zonden, maar voor die van ons. Niemand had ooit eerder meegemaakt
dat het lot van de hele mensheid op zijn schouders rustte op deze manier.
Hij nam de straf voor onze zonden op Zich. Dat maakte Zijn lijden en dood
absoluut noodzakelijk voor ons behoud.
Iedere Christen zou zich direct met het lijden van Christus moeten kunnen
identificeren. Hierdoor heeft Hij behoud voor ons mogelijk gemaakt. Indien
Hij niet gewillig in onze plaats had geleden, dan zou iedereen sterven
– om nooit meer te leven.
Hoe zwaar testte God de getrouwheid van Christus?
“En Hij werd in de woestijn veertig dagen verzocht door de satan
… (Mark. 1:13).
“ … Tijdens Zijn dagen in het vlees heeft Hij gebeden en
smekingen onder sterk geroep en tranen geofferd aan Hem, die Hem uit de
dood kon redden, en Hij is verhoord uit Zijn angst …” (Hebr.
5:7).
Verleiding op zich is een vorm van lijden en beproeving. Jezus Christus
Zelf moest weerstand bieden aan de begeerten van het vlees en deze overwinnen.
En dat deed Hij! Hij is het enige menselijke wezen ooit dat volledig alle
verleidingen tot zonde heeft weerstaan. (1 Joh. 3:5; vergelijk Hebr. 12:3-4).
Zelfs met de hulp van de Vader, was de wilskracht die nodig was om de
verleidingen van satan en de verlokkingen van het vlees te weerstaan,
onvoorstelbaar groot. De foltering die Hij in Getsemane leed is onmogelijk
voor ons om voor te stellen. Hij bad daar drie keer tot de Vader om extra
geestelijke kracht om door Zijn geprofeteerde lijden en kruisiging heen
te komen. Hij bad daar zo intens dat “Zijn zweet werd als bloeddruppels”
(Luk. 22:44).
Hij vroeg zelfs de Vader of het op de een of andere manier mogelijk was
dat dit lijden vermeden kon worden. Maar het moment daarop boog Hij zich
gehoorzaam voor datgene waarvan Hij wist dat het Zijn Vaders wil was (Matt.
26:36, 39-42).
|