|
|
God is altijd eerlijk
Wanneer het niet altijd gaat op de manier waarop zij het willen, roepen
kinderen vaak uit “Dat is niet eerlijk!”. Mensen zeggen datzelfde
soms ook over God. Dat was de houding van het oude Israël: “Maar
gij zegt: De weg des Heren is niet recht. Hoort toch, huis Israëls,
is mijn weg niet recht? Zijn niet veeleer uw wegen niet recht?”
(Ez. 18:25).|
Vanuit ons beperkte standpunt lijkt het inderdaad alsof het leven niet
altijd eerlijk is. God liet bepaalde onbillijkheden toe, toen Hij de mensheid
het recht van keuzevrijheid gaf. Maar het erkennen dat niet alles in dit
leven eerlijk is, is totaal anders dan God te beschuldigen niet eerlijk
te zijn. Dat is niet hetzelfde.
Gods woord is waarheid (Joh. 17:17). Zijn beslissingen zijn in overeenstemming
met Zijn karakter, dat liefde is (1 Joh. 4:8, 16). Vertrouwen op God en
Zijn Woord is het enige echte anker dat wij hebben. Niets anders is volledig
betrouwbaar. Sommige mensen projecteren hun misnoegen over de zich opeenstapelende
tekortkomingen van mensen en de onbetrouwbaarheid van dit leven op God,
wanneer het leven vol is van moeilijkheden. Dus concluderen ze onjuist
en onlogischerwijs dat God oneerlijk is. God onthulde aan Israël
dat het integendeel de wegen van de mens zijn die niet eerlijk zijn.
Haalde de apostel Paulus deze vraag aan in een van zijn brieven?
“Gelijk geschreven staat: Jakob heb Ik liefgehad, maar Esau
heb Ik gehaat. Wat zullen wij dan zeggen: Zou er onrechtvaardigheid zijn
bij God? Volstrekt niet” (Rom. 9:13-14).
Veel hangt af van een juist begrip van het lot en het doel van de menselijke
familie. Dat is zeker waar bij het beantwoorden van dit bekende dilemma.
Het is waar dat God genadig is aan wie Hij wil, terwijl Hij er ook voor
kan kiezen om onder bepaalde omstandigheden iemands wil tegenover Hem
te verharden (Rom. 9:16-18). Dit alles is echter van tijdelijke aard.
Elke Christen moet leren over Gods primaire stap-voor-stap plan, zoals
uitgebeeld in Zijn jaarlijkse Feestdagen. De wonderbaarlijke waarheid
die zij uitbeelden laat zien dat er een tijd komt wanneer God alle mensen
zal roepen en hen een eerlijke en rechtvaardige kans op behoud zal geven.
Op dat moment zal Hij hun zijn overvloedige genade laten zien, en niemand
zal dan meer Gods eerlijkheid in twijfel trekken.
Dit is een van de fantastische waarheden die verborgen zijn voor de wereld,
maar die geopenbaard is aan Christenen die de bedoeling van Gods Feestdagen
begrijpen.
Zij beelden de volgorde uit waarin God roept en de onrechtvaardigheden
verwijdert die we in dit leven ondergaan. Het is belangrijk dat u begrijpt
wat deze heilige samenkomsten uitbeelden. Voor een uitgebreide uitleg
hierover raden wij u aan ons gratis boekje God’s Holy Day Plan:
The Promise of Hope for All Mankind aan te vragen.
Wat heeft de Vader al gedaan om de onrechtvaardigheden van dit
leven te vervlakken?
“Te dien tijde hief Jezus aan en zeide: Ik dank U, Vader, Heer
des hemels en der aarde, dat Gij deze dingen voor wijzen en verstandigen
verborgen hebt, doch aan kinderkens geopenbaard. Ja, Vader, want zo is
het een welbehagen geweest voor U” (Matt. 11:25-26).
Niemand is zich meer bewust dan God van de onrechtvaardigheden die over
menselijke wezens komen in dit tijdperk door de invloed van Satan. Wie
roept God echter het eerst: degenen met geweldige mogelijkheden of gewone
mensen?
God laat zien dat Hij, in plaats van degenen die grote materiële
voordelen hebben in dit leven voor te trekken, Zijn Koninkrijk eerst aanbiedt
aan mensen die over het algemeen niet rijk en beroemd zijn, niet de schijnbaar
succesvolle mensen in deze wereld.
“Ziet slechts, broeders, wat gij waart, toen gij geroepen werdt:
niet vele wijzen naar het vlees, niet vele invloedrijken, niet vele aanzienlijken.
Integendeel, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de
wijzen te beschamen, en wat voor de wereld zwak is, heeft God uitverkoren
om wat sterk is te beschamen; en wat voor de wereld onaanzienlijk en veracht
is, heeft God uitverkoren, dat, wat niets is, om aan hetgeen wèl
iets is, zijn kracht te ontnemen, opdat geen vlees zou roemen voor God”
(1 Kor. 1:26-29).
God heeft niet de wijzen, de machtigen en de edelen uit dit tijdperk geroepen.
Jezus bevestigt dat “de kinderen dezer wereld gaan ten aanzien van
hun geslacht met veel meer overleg te werk dan de kinderen des lichts”
(Luk. 16:8). Toch zullen de verlichte kinderen van God de eerstelingen
zijn van Zijn behoud.
De profeet Jesaja schrijft over de manier waarop God Zijn plan vervult:
“Op zulken sla Ik acht: op de ellendige, de verslagene van geest
en wie voor mijn woord beeft”, Jes. 66:2).
God zal de dingen gelijkelijk verdelen. Niemand zal Zijn Koninkrijk binnen
kunnen gaan die niet waarlijk nederig is. Iedereen die probeert zichzelf
te verhogen ten koste van anderen moet zich bekeren van zijn egoïsme
om het eeuwig leven te kunnen beërven (vergelijk Kol. 3:12-13; Rom.
12:16; Jak. 4:10; 1 Petr. 5:5-6).
Ontwierp God Zijn wet om degenen te beschermen die minder goed
in staat waren voor zichzelf te zorgen?
“Wanneer gij de oogst van uw land binnenhaalt, dan zult gij
de rand van uw veld bij uw oogst niet geheel afmaaien, en wat van uw oogst
is blijven liggen, zult gij niet oplezen; dat zult gij voor de arme en
de vreemdeling laten liggen: Ik ben de Here, uw God” (Lev. 23:22).
Ja, God is altijd eerlijk. Hij is liefdevol en genadig. Zijn wetten reflecteren
Zijn liefde en zorg voor alle menselijke wezens. “De Here behoedt
de vreemdelingen, wees en weduwe houdt Hij staande ...” (Ps. 146:9).
|