Bible Study Course Lesson 5: The Word of God: The Foundation of Knowledge
Bijbelstudie Cursus
Les 5
Is er Hoop op Overleving?
¬ Inleiding
¬ Bedreigingen voor overleving
¬ Eerst het Goede Nieuws
¬ Kunnen we de toekomst voorspellen?
¬ Laat u niet verleiden
¬ Een gevaarlijke en sterven-de wereld
¬ Een plotselinge gevaarlijke wending der gebeurtenissen
¬ Een plechtige waarschuwing aan gelovigen
¬ Het boek van Openbaring: Tijdschema voor de Eindtijd
¬ Een onzichtbare kwade macht
¬ Een kwade macht verwijderd
¬ Vertelt de Bijbel ons wanneer Christus wederkeert?
¬ Verhaallijn van het boek Openbaring
¬ Overzicht hoofdstukken in het boek openbaring
¬ Was Jezus de beloofde Messias?
¬ Verklarende woordenlijst
¬ Punten ter overweging.
¬ Multiple choice vragen.
Van de uitgever van het blad The Good News magazine.
The Word of God: The Foundation of Knowledge
Bekijk Les 5 in PDF formaat
Lijst met alle Engelse Bijbel Studie Lessen
 
Verwante artikelen in de Nederlandse taal
Eindtijdsprofietie
De dag des Heren
Verwante artikelen in de Engelse taal
What happens after Dead?
Natural Disasters: A Biblical Perspective
Are We Living in the Time of the End?
Verwante artikelen in de Engelse taal
The End of the World: What Does the Bible Say?
Signs of the End Times—Only Possible in Our Day
Seven Prophecies That Must Be Fulfilled Before Jesus Christ's Return
World Peace: The Impossible Dream?
The Book of Revelation Unveiled
Are We Living in the Time of the End?
You Can Understand Bible Prophecy

Was Jezus Christus de Messias?

Wat was het doel van Jezus Christus? Waarom kwam Hij naar de aarde? Waarom komt Hij terug? De antwoorden op deze vragen worden duidelijk wanneer we het begrip Messias onderzoeken.

Messias is het hebreeuwse woord voor "de Gezalfde". Zalving werd gedaan om iemand apart te zetten voor een specifiek doel. Het werd onder andere gebruikt om te onderscheiden dat koningen door God waren gekozen om te regeren. (1 Samuël 15:1, 16:12,13; 1 Koningen 1:34). Christus betekent "de Gezalfde" in het Grieks, de taal waarin het Nieuwe Testament voor ons bewaard is - hetzelfde als in het Hebreeuws. De twee termen betekenen hetzelfde (1 Johannes 1:41; 4:25).

De Hebreërs begrepen dat de Geschriften veel profetieën bevatten over een goddelijk gekozen heerser die de glorie en rijkdom van het koninkrijk Israël zou herstellen. Jesaja 9:6,7 zegt bijvoorbeeld: "...Groot zal de heerschappij zijn en eindeloos de verde op de troon van David en over zijn koninkrijk, doordat hij het sticht en grondvest met recht en gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid."

Jeremia 23:5,6 voegt hier aan toe: "Zie de dagen komen , luidt het woord des Heren, dat Ik aan David een rechtvaardige Spruit zal verwekken; die zal als koning regeren en verstandig handelen, die zal recht en gerechtigheid doen in het land. In zijn dagen zal Juda behouden worden en Israël veilig wonen; en dit is zijn naam, waarmede men hem zal noemen: de Here onze gerechtigheid."

Nadat het koninkrijk van Israël en de natie Juda in ballinschap waren gevoerd door respectievelijk Assyrië en Babylon, keken de mensen naar een verlosser. In de dagen van Christus werden de Joden die een paar eeuwen daarvoor vanuit Babylon waren teruggekeerd naar hun thuisland onderdrukt door de Romeinen. In hun onderdrukking baden en hoopten zij dat de beloofde Messias, de overwinnende koning zou verschijnen, om hen te verlossen van de Romeinse oversten en Israël nationale grootheid zou herstellen.

Vanuit vele profetiën concludeerden zij correct dat de Messias spoedig zou verschijnen. De hoop nam een grote vlucht. Toen Johannes de Doper ten tonele verscheen, dachten sommigen dat hij misschien de Messias was. De Geschriften vertellen ons dat "allen in hun hart overlegden over Johannes, of hij misschien de Christus was" (Lukas 3:15).

Johannes zei dat hij de Messias niet was, maar hij verwees de mensen naar Jezus van Nazaret. Eén van de volgelingen van Johannes, een visser met de naam Andrew, geloofde meteen in Jezus. "Deze vond eerst zijn broeder Simon en zeide tot hem: wij hebben gevonden de Messias, wat betekent: Christus" (Johannes 1:42). Zowel Andréas als Simon (Petrus) werden volgelingen van Jezus.

Jezus erkende in een gesprek met een Samaritaanse vrouw dat Hij de langverwachte Messias was. "Ik weet, dat de Messias komt, die Christus genoemd wordt; wanneer die komt, zal Hij ons alles verkondigen. Jezus ziede tot haar: Ik, die met u spreek, ben het" (Johannes 4:25,26).

Jezus erkende ook dat Hij de Messias was toen Hij terechtstond. "En de hogepriester stond op en hij trad naar voren en ondervroeg Jezus en ziede: Geeft Gij niets ten antwoord? Wat getuigen dezen tegen U? Maar Hij bleef zwijgen en gaf niets ten antwoord. Wederom ondervroeg de hogepriester Hem en zeide tot Hem: Zijt Gij de Christus [Messias], de Zoon van de Gezegende? En Jezus zeide: Ik ben het, en gij zult de Zoon des mensen zien, gezeten aan de rechterhand der Macht en komende met de wolken des hemels" (Markus 14:60-62).

Jezus wist dat Hij was geboren om als koning te regeren. Toen de Romeinse keizer Pontius Pilates hem ondervroeg vlak voor Zijn kruisiging, zei Jezus: "Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld; indien mijn Koninkrijk van deze wereld geweest zou zijn, zouden mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik niet aan de Joden zou worden overgeleverd; nu echter is mijn Koninkrijk niet van hier. Pilatus dan zeide tot Hem: Zijt Gij dus toch een koning? Jezus antwoordde: Gij zegt, dat Ik koning ben. Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen, opdat Ik voor de waarheid zou getuigen" (Johannes 18:36, 37).

Dat Jezus' Koninkrijk niet voor die tijd was, werd niet begrepen door de meeste van Zijn volgelingen. Zij hoopten en namen aan dat Jezus Christus een populaire opleving zou leiden die de gehate Romeinen omver zou werpen en een nieuwe politieke orde zou oprichten. Sommige discipelen discussiëeerden zelfs wie van hen de hoogste posities in deze nieuwe regering zouden bekleden (Matteüs 20:20,21; Lukas 9:46, 22:24).

Zij hadden een beperkt begrip en realiseerden zich niet dat Christus eerst moet komen om te lijden en sterven voor de zonden van de mensheid en pas later komt als de overwinnende Koning die zij verwachtten.

Toen Jezus terechtstond en werd veroordeeld met de kruisdood, waren ze verward en wanhopig. Hun hoop en verlangen naar macht en grandeur waren uiteengespat. Petrus en enkele ander discipelen keerden terug naar hun oude beroepen als visser (Johannes 21:1-3).

Zelfs nadat Jezus opnieuw aan hen verscheen, begrepen zij het nog niet. Zij dachten nog steeds dat Christus het Koninkrijk van God onmiddellijk zou oprichten. Let op Handelingen 1:6-8: "Zij dan, die daar bijeenngekomen waren, vroegen Hem en zeiden: Here, herstelt Gij in deze tijd het koningschap voor Israël? Hij zeide tot hen: Het is niet uw zaak de tijden of gelgenhedne te weten, waarvoor de Vader de beschikking aan Zich gehouden heeft, maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilig Geest over u komt, en gij zult mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in gheel Judéa en Samaria en tot de uiterste der aarde".

Jezus legde uit dat het moment van oprichting van het Koninkrijk niet hun belangrijkste bezigheid moest zijn; zij zouden inderdaad niet weten wanneer het opgerichtt zou worden. Hun aandacht, zei Jezus, moest op het werk zijn dat Hij hun opdroeg. Het Koninkrijk van God zou op termijn opgericht worden.

Eindelijk begrepen ze het. Jezus van Nazaret was inderdaad de beloofde Messias, maar eerst moest Hij lijden en sterven voor hun zonden. Later zou Hij komen als de overwinnende koning om het Koninkrijk van God op te richten.

Petrus verkondigde trots de prachtige waarheid dat Jezus de Messias was: "Maar zo heeft God in vervulling doen gaan wat Hij bij monde van alle profeten tevoren geboodschapt had, dat zijn Christus moest lijden. Komt dan tot betrouw en bekering, opdat uw zonden uitgedeldg worden, opdat er tijden van verademing mogen komen van het aangezicht des Heren, en Hij de Christus, die voor u tevoren bestemd was, Jezus, zende; Hem moest de hemel opnemen tot de wederoprichting aller dingen, waarvan God gesproken heeft bij monde van zijn heilige profeten" (Handelingen 3:18-21).

De tientalle geprofeteerde profetieën over een Messias - profetieën die door Jezus Christus zijn vervuld - vormen het meest overtuigende bewijs dat de Bijbel het geïnspireerde Woord van God is. Vele niet-bijbelse geschriften worden geëerbiedigd door vele religie's waarvan beweerd wordt dat ze heilig en goddelijk geïnspireerd zijn. Maar geen van deze geschriften kan de toekomst voorspellen, en vervolgens honderden jaren later, een gedetailleerd verslag doen hoe die profetieën precies tot vervulling kwamen.

Dit is in essentie het verhaal van de vier Evangeliën. Zij refereren aan de Oud Testamentische profetieën en laten zien hoe Jezus Christus deze vervulde als de Messias die uit een maagd geboren werd en de goddelijke boodschapper die ter dood werd gebracht om het voor ons mogelijk te maken om vergeving van onze zonden te ontvangen.

De Evangeliën spreken ook over Zijn opstanding en uiteindelijke terugkeer naar de aarde als overwinnende Koning. Dat is de boodschap van de Evangeliën - dat Jezus Christus de Messias is waarover in het Oude Testament werd geprofeteerd.

Een versie van het Nieuwe Testament, de Joodse Nieuwe Testament, geeft een lijst van 52 profetieën die in vervulling gingen bij Christus's eerst komst. (1989, pp. xxv-xxix). Schattingen over het totale aantal profetieën over de Messias lopen in de honderden. Zowel het Oude als het Nieuwe Testament getuigen dat Jezus was en is de ware Messias, de Zoon van God, degene die door God werd gezonden en terug zal komen om het Koninkrijk van God op aarde te vestigen.

Subscribe to the Good News Magazine © 1995-2009 United Church of God Holland| Privacy Policy
Reproductie van deze informatie in zijn geheel of gedeeltelijk is niet toegestaan. Alle correspondenties en vragen kunt u sturen naar info@ucg-holland.nl. Vragen over deze website kunt u sturen naar webmaster@ucg-holland.nl.