Het
Nederlandse Supplement van

mei/juni 2004
Deel 5: Groei naar Wereldmacht
De Tien Verloren Stammen
van
Isral
Ver terug in de geschiedenis
rond 732 v.Chr. werden de tien stammen van Isral uit
hun land gedeporteerd en zijn nooit meer teruggekeerd (2 Koningen 17:23;18:11).
Waar zijn deze verloren stammen gebleven? De bijbel spreekt over een eindtijd
waarin de verloren stammen van Isral samen met Juda
(het Joodse volk) weer n natie zullen worden (Ezechil
37:22-28). Ze zijn er dus nog! De identiteit van deze tien verloren
stammen kan worden achterhaald via vervulde beloften!
Hoewel God had beloofd dat
alle 10 verloren stammen zouden blijven bestaan, beloofde Hij ook hen onder
de volken te zeven (Amos 9:9). Dit gebeurde ook
totdat Hij hen in het land bracht dat ten noorden en ten westen
van het oude Isral lag en waar Hij had beloofd hen opnieuw te vestigen(1
Koningen 14:15; Jesaja 49:12; Hosea 12:1). Deze
belangrijke migratie naar het westen begon omstreeks 200 n. Chr. en duurde tot
in de vijfde eeuw n. Chr.
Het was alsof een machtige,
ongeziene hand hen onverbiddelijk leidde met al hun stammen en clans door
de Euraziatische vlakten, de Scythische
steppen, naar Noordwest-Europa, waar de Kelten, een andere groep verwante
stammen, reeds waren gevestigd. Veel historici erkennen
dat de Angelsaksische volken de hoofdstam waren die verscheidene westerse
naties stichtte, met inbegrip van Groot-Brittanni, de Verenigde Staten, Noord
Frankrijk, Belgi, Nederland, Denemarken en Scandinavische landen. Deze
informatie is in een groot aantal geschiedenisboeken te vinden.
Wat echter niet algemeen
wordt begrepen is het Keltisch-Scythische verband met
de oude Isralieten. In het voorgaande delen hebben we deze connectie
uitgebreid besproken. Nu richten wij onze aandacht op het begin van de
vervulling van Gods beloften aan de afstammelingen van Isral naar men aanneemt
verloren stammen nadat zij naar Noordwest-Europa en de Britse eilanden waren
gemigreerd en vandaar naar Amerika en de andere Britse kolonies rond de wereld.
De patriarch Jakob profeteerde voor zijn dood, onder Gods inspiratie,
wat er zou gebeuren met de nakomelingen van zijn 12 zonen in de ,,laatste dagen (Genesis 49:1). In dit hoofdstuk richten
wij ons op Jakobs profetie betreffende Jozef.
Jozefs huidige afstammelingen zijn van alle verloren stammen
van Isral het gemakkelijkst te identificeren, omdat de specifieke zegeningen
die zij zouden ontvangen zo duidelijk afsteken tegen die van de andere stammen.
God beloofde Jozefs nakomelingen door zijn zoons Efram en Manasse alle
voordelen van de geboorterechtbeloften van nationale grootheid en
overvloedige welvaart.
Let op Jakobs
profetie over Jozef in de laatste dagen: ,,Een jonge vruchtboom is Jozef, een
jonge vruchtboom aan een bron; zijn takken stijgen boven de muur uit; de
boogschutters hebben hem getergd, beschoten en vijandig bejegend, maar zijn
boog bleef stevig en zijn sterke handen bleven lenig, door de handen van de
Machtige Jakobs, daar de Steenrots Israls zijn
herder is; door de God uws vaders, die u zal helpen, en de Almachtige, die u zal zegenen met
zegeningen des hemels van boven, met zegeningen van de watervloed, die beneden
ligt, met zegeningen van de borsten en de moederschoot. De zegeningen van uw
vader gaan de zegeningen van mijn voorvaderen te boven, reikende tot het
kostelijkste der eeuwige heuvelen; zij zullen komen op het hoofd van Jozef, op
de schedel van de uitverkorene onder broeders (Genesis 49:22-24).
Jozefs afstammelingen, zei hij, zouden bijzonder gezegend
worden als een vruchtbare wijnstok met een niet-aflatende voorraad water,
waarmee een constante groei wordt verzekerd. Hun bevolkingen zouden zich snel
vermenigvuldigen. Zij zouden zich uitbreiden naar landen buiten hun
oorspronkelijke grenzen, militair sterk worden en de meest uitgelezen fysieke
zegeningen van de aarde oogsten. Zij zouden veel produceren en rijk zijn. Dit
waren de zegeningen van het eerstgeboorterecht (1 Kronieken 5:1-2) die God aan Jozefs nakomelingen beloofde. Wegens deze goddelijke
zegeningen zouden Jozefs nakomelingen vooraanstaan
onder Israls andere stammen (Genesis 49:22-26).
Voor zijn dood herhaalde
Mozes de speciale zegeningen die naar Jozefs
nakomelingen zouden gaan. ,,Van Jozef zeide hij: Zijn land zij door de Here
gezegend met de kostelijkste gave des hemels, met de dauw, en met de
watervloed, die beneden ligt; met de kostelijkste gave, die de zon voortbrengt,
en met de kostelijkste gave, die de maan doet uitspruiten; met het uitnemendste der aloude bergen, en met de kostelijkste
gave der eeuwige heuvelen, en met de kostelijkste gave van de aarde en
haar volheid; met het welbehagen van Hem, die in de braamstuik tegenwoordig
was; dat moge komen op het hoofd van Jozef, op de schedel van de uitverkorene
onder zijn broeders. De eersteling zijner runderen is zijn
trots en diens horens zijn horens van een woudos; daarmee zal hij de volken stoten,
alle einden der aarde. Dit zijn de tienduizenden van Efram en dit zijn de duizenden van Manasse
(Deuteronomium 33:13-17). God had beloofd een directe
hand te hebben in het geven van de indrukwekkende stoffelijke zegeningen aan Jozefs nakomelingen.
Wanneer we inzien dat de
hedendaagse afstammelingen van Jozef de volken van de Verenigde Staten en
Groot-Brittanni zijn, zien we dat God zich in de afgelopen drie eeuwen trouw
aan zijn beloften heeft gehouden. Hij heeft het materile geboorterecht
beloften van Jozefs zonen, Efram
en Manasse, gegeven aan hun
tegenwoordige nakomelingen: het Angel-Saksisch-Keltische
volk van Groot-Brittanni en de Verenigde Staten. De Angelsaksen
en de Keltische nakomelingen zijn de belangrijkste grondleggers van de Britse
en Amerikaanse cultuur.
God heeft hen tevens grote mogelijkheden
ter beschikking gesteld om als een geestelijk baken te schijnen in een verwarde
en verduisterde wereld. Helaas heeft slechts een klein aantal onder hen,
evenals dat bij de oude Isralieten het geval was, zich bereid getoond hun
verantwoordelijkheid en Gods roeping te aanvaarden.
Groot-Brittanni was niet
altijd groot geweest. De opkomst van zowel Groot-Brittanni als de Verenigde
Staten kwam in feite pas na 1800. Slechts een paar eeuwen voordat Engeland s
werelds belangrijkste mogendheid werd, was zijn status gelijk aan die van alle andere
landen van Europa.
De Habsburgse
Heilige Roomse keizer, Karel V, kenschetste de
relatieve plaats van Engeland onder de Europese naties aan het begin van de 16e
eeuw toen hij zei: ,,Ik spreek Latijn tot God, Italiaans
tot musici, Spaans tot de dames, Frans aan het hof, Duits tot het
dienstpersoneel en Engels tot mijn paarden.
Voor veel waarnemers van
zowel binnen als buiten Groot-Brittanni leek het dat succes het Britse volk
ten deel viel, of zij het nu wel of niet nastreefden, of zij nu wijze beslissingen
namen of dwaze. Het was alsof bepaalde zegeningen hen overrompelden. De 19e
eeuw was beslist de Britse eeuw. Tot hun eigen verbazing zagen de mensen van de
betrekkelijk kleine Britse Eilanden zich opeens over een machtig imperium
regeren. Toen de 19e ten einde liep was het Britse Rijk ,,het grootste imperium in de wereldgeschiedenis; het omvatte
bijna een kwart van de landmassa op aarde en een kwart van de wereldbevolking
(James Morris, Pax
Britannica: The Climax of an
Empire, 1968, p. 21).
Het Britse Rijk omspande op
een gegeven moment 5 maal het territorium van het Romeinse Rijk, met meer dan
viermaal zoveel onderdanen.: 493 t.o.v. 120 miljoen.
De Britse macht strekte zich niet uit over zomaar wat gebieden, maar over
enkele van de vruchtbaarste streken op aarde. Britse missionarissen werden de
dragers van bijbelse literatuur en kennis aan mensen van het ene eind van de
wereld tot het andere. Zowel stoffelijke als geestelijke zegeningen werden rond
de hele aarde vrij verspreid.
Hoe vond een dergelijke
omkering van het lot in het daaropvolgende 200 jaar plaats?
Het begin van de industrile
en economische groei van de Angelsaksische wereld kan worden geplaatst ergens
tussen het midden en het einde van de 18e eeuw. In ongeveer diezelfde periode kende
Groot-Brittanni tevens een bevolkingsexplosie. Generaties lang was de Britse
bevolking statisch geweest of misschien slechts heel licht gestegen. Vervolgens
verdrievoudigde ze bijna, binnen een eeuw, van 7,7 miljoen in 1750 tot 20,7
miljoen in 1850 ... Groot-Brittanni was een dynamisch land en een der
kenmerken van zijn dynamiek was de bevolkingsexplosie (Fall
of the British Empire, 1969, p. 155).
Deze periode lijkt
rechtstreeks in verband te staan met het ontvangen door Jozefs
verbannen afstammelingen van de beloofde zegeningen van het eerstgeboorterecht.
Hoewel historici zich afvragen waarom de industrile revolutie niet op een
eerder tijdstip in de geschiedenis is begonnen, kan deze goddelijke zegen
wellicht helpen te verklaren waarom de reusachtige toename in industrile
capaciteit zo dramatisch groeide zoals ze deed.
De Bijbel openbaart dat God
de macht heeft over gebeurtenissen en die laat plaatsvinden overeenkomstig
zijn plan en tijdschema (Jesaja 46:9-10). Lang geleden maakte Hij bekend dat door
de aartsvader Jakob Jozefs
nakomelingen de eerstgeboorterechtbeloften
zouden ontvangen ,,in de laatste dagen (Genesis 49:1,
22-26).
Andere bijbelse profetien
over problemen onderscheiden onze tijd als de laatste dagen die leiden tot de
gebeurtenissen die in Matthes 24 en het boek Openbaring zijn geprofeteerd. Ze
bevestigen dat de vervulling van Gods beloften aan Abraham aangaande de laatste
dagen nu plaatsvinden. Het jaar 1776 was een mijlpaal. In dat jaar was de
stoommachine operationeel geworden, en binnen tien jaar slechts enkele jaren
voordat de Franse Revolutie van 1789 de industrile ontwikkeling van Frankrijk
aanzienlijk vertraagde werd de stoommachine een commercieel succes. Datzelfde
jaar verklaarden Amerikaanse kolonisten zich onafhankelijk. Deze afscheiding
van de Verenigde Staten van Groot-Brittanni vervulde de profetie dat Manasse en Efram afzonderlijke
volken zouden zijn n groot volk en de ander ,,een
volheid van volken, m.a.w. een verzameling van volken ofwel een gemene best
van natin (Genesis 48:16, 19).
Omstreeks dezelfde tijd vond
er nog een belangrijke gebeurtenis plaats. Adam Smith,
hoogleraar aan de Schotse universiteit van Glasgow,
publiceerde The Wealth of Nations, Engelands ontwikkeling van wat is bekend geworden als de
kapitalistische economie. Het kapitalistische systeem begon al spoedig de
Westerse wereld in het algemeen, en de Britse economie
in het bijzonder, aan te drijven tot ongekende hoogte.
Groot-Brittanni werd
het grootste en meest zegenrijke imperium in de geschiedenis van de mensheid.
Geen wonder dat historici de 19e eeuw beschrijven als de Britse
eeuw.
De oorlogen tussen Frankrijk
en Engeland die in 1815 uitmondden in de Britse overwinning op Napoleon bij Waterloo, hadden een indirecte invloed op Amerikas opkomst als grote mogendheid. Napoleons
behoefte aan geld om de kosten van de oorlog met Engeland te betalen bracht hem
ertoe de grote Franse gebieden in Amerika aan de Verenigde Staten te verkopen,
sindsdien bekend als de ,,Louisiana
Purchase.
De verwerving van het Louisiana-gebied in 1803 gaf de Amerikaanse republiek
onmiddellijk de status van wereldmacht. Het jonge land kocht de 828.000
vierkante mijl van het vruchtbaarste land in de wereld de Amerikaanse Midwest voor minder dan 3 cent per acre! Van de ene op de
andere dag verdubbelde de omvang van de Verenigde Staten, waarmee het land
materieel en strategisch enorm werd versterkt met grote natuurlijke
hulpbronnen. In 1867 voegde de Verenigde Staten nog eens bijna 600.000 vierkante
mijl toe toen het voor 7,2 miljoen dollar ongeveer 2 cent per acre Alaska kocht van Rusland. Tegenwoordig beloopt het inkomen
uit hulpbronnen in Alaska houtproducten, mineralen,
olie en dergelijke elk jaar in de tientallen miljarden dollars.
De andere vervulling van Jakobs voorspelling dat Efram
een ,,menigte van volken zou worden (Genesis 48:19) werd eveneens langzaam
maar zeker vervuld. Het begon als gevolg van Engelands
overwinning op Frankrijk in 1815. Aan het einde van de Napoleontische oorlogen
heerste de Royal Navy over
de oceanen. De Britse economie, die door dit conflict werd gestimuleerd, kwam
hieruit naar voren met ongevenaarde economische suprematie.
Het Franse streven naar wereldhegemonie had definitief gefaald.
Groot-Brittanni was vrij en
in het bezit van de nodige politieke, economische en militaire macht om een
imperium op te bouwen dat al spoedig de hele wereld omvatte. Terwijl het
moderne Manasse (de Verenigde Staten) begon te bouwen
aan een land dat zich spoedig van zee tot zee uitstrekte, berfde Efram (Groot-Brittanni) landen overal in de wereld.
De Britten bouwden een
imperium waarboven de zon nooit onderging, bestuurd door middel van zowel een
centraal gezag als een radja in India of de Britse ,,agent-generals office
in Egypte of als gemenebest dominions, zoals Canada, Australi, Nieuw-Zeeland
en Zuid-Afrika.
De Britse gebieden waren
geconcentreerd in de meest productieve streken van de gematigde zone. Een
overvloedige en betrouwbare voedselvoorraad stelden de Britten in staat hun
vanaf de 18e tot een groot deel van de 20e eeuw gestaag
toenemende bevolking te voeden. De hedendaagse afstammelingen van Jozef zijn
beslist een ,,vruchtboom, (Genesis 49:22-25; zie ook
Leviticus 26:9; Deuteronomium 6:3; 7:13-14; 28:4-5).
Het Britse en het Amerikaanse
volk berfden een schat aan natuurlijke hulpbronnen. Wat de Britten niet op hun
eigen eilanden hadden, haalden zij uit een imperium dat de hele planeet
omspande. De Amerikanen hadden alles wat nodig was voor een economische
grootmacht uitgestrekte gebieden met vruchtbare grond; schijnbaar eindeloze
bossen; goud, zilver en andere edelmetalen klaar om gedolven te worden; grote
hoeveelheden ijzererts, kool, olie en andere minerale afzettingen binnen het
gebied van de continentale Verenigde Staten en zelfs nog meer in Alaska.
Beide volken bezaten ,,het uitnemendste der aloude bergen -- ,,de kostelijkste gave
der eeuwige heuvelen en de ,,kostelijkste gave van
de aarde en haar volheid binnen het gebied dat onder hun exclusieve macht
viel (Deuteronomium 8:9; 28:1, 6, 8, 13; 33:13-17).
Gods belofte aan Abraham omvatte nog een belangrijk punt: ,,... uw nageslacht zal de poort zijner haters
bezitten (Genesis 22:17). In dit verband betekent ,,poort
een strategische doorgang die commercieel en militair toegang tot een gebied
verschaft. Voorbeelden van strategische ,,poorten
zijn de Straat van Gibraltar, het Suezkanaal en het
Panamakanaal.
Het is een historisch feit
dat Groot-Brittanni en de Verenigde Staten de macht verwierven over de
meerderheid van s werelds belangrijkste land- en zeepoorten . Deze zijn van
doorslaggevend belang geweest voor hun economische en
militaire overheersing in de 19e en 20e eeuw. Laten we
eens zien op welke wijze Jozefs nakomelingen de drie
hierboven genoemde belangrijke zeepoorten verwierven.
In 1701 was Engeland, dat met
Frankrijk in oorlog was, vastbesloten een gunstig machtsevenwicht in Europa te herstellen. Engeland
kwam zelfs uit het conflict te voorschijn met de grootste Europese vloot en
zijn status als grootmacht werd bekrachtigd.
Als gevolg van de oorlog
verwierf Engeland in de Vrede van Utrecht, gesloten op 11 april 1713, Newfoundland, Nova Scotia, de
eilanden in de Hudsonbaai, Menorca
en het belangrijkste, Gibraltar, een onmisbare internationale zeestraat. Het
bezit van Gibraltar betekende dat Engeland nu de controle had over de in- en
uitgang van de Middellandse Zee. Ruim anderhalve eeuw later verwierven de
Britten de directe controle over een andere belangrijke zeepoort aan het andere
einde van de Middellandse Zee: het Suezkanaal. De
Britten bleven bijna driekwart eeuw in Suez. Deze 163
kilometer lange, door de mens aangelegde passage tussen de Middellandse en de
Rode Zee was lange tijd een van de drukste scheepvaartwegen ter wereld. De
lange en moeilijke reis rond de zuidelijke punt van Afrika werd erdoor
opgeheven. In overeenstemming met de bijbelse profetien gaf God deze zeepoort
aan het Britse volk de hedendaagse afstammelingen van Efram,
de zoon van Jozef.
Een belangrijke derde
zeepoort die door de nakomelingen van Jozef werd verworven was het
Panamakanaal. Evenals Thomas Jeffersons aankoop van
het Louisiana-gebied of Benjamin Disraelis
verwerving van het Suezkanaal , ondernam de Amerikaanse president Theodore
Roosevelt stappen om Amerika te verzekeren van het
Panamakanaal.
De opkomst als grootmachten
van Groot-Brittanni en de Verenigde Staten was niets minder dan
verbazingwekkend. God gebruikte de Engelstalige volken om de rest van de
mensheid bekend te maken met een nieuw stelsel van normen en individuele
vrijheden. De Britten bewezen kundige bestuurders te zijn, die de
infrastructuur en levensstandaard in de gebieden waarover zij regeerden
aanzienlijk hebben verbeterd. Hoewel niet alle aspecten van hun bestuur steeds
even rechtvaardig en billijk als had gemoeten werden uitgevoerd, was Gods
geprofeteerde bedoeling bereikt. De zonen van Jozef leidden de wereld in een
tijdperk van ongevenaarde kennis, welvaart en technische vooruitgang. Voor het
eerst werden de Bijbel en bijbels georinteerde standaardwerken wereldwijd
verspreid.
Nadat de Verenigde Staten
vele jaren lang een isolationistische politiek hadden nagestreefd, werden zij
uiteindelijk door gebeurtenissen die buiten hun macht lagen gedwongen een
grotere rol in het wereldgebeuren te spelen waarmee zij het internationale
model voor vrijheid en individuele rechten werden. Toen de onvoorbereide
Verenigde Staten in 1941 door Japan werden aangevallen, zagen zij zich
plotseling in oorlog met de Asmogendheden.
De Verenigde Staten kwamen
uit de Tweede Wereldoorlog te voorschijn als de machtigste natie ter wereld.
Maar in plaats van hun macht te gebruiken om te overheersen en de zwakkere
naties in een verslagen wereld te verdrukken, zetten de Amerikanen zich in hun
verslagen vijanden weer op te bouwen waarmee een compassie werd
getoond die zeldzaam is in de analen van de internationale zaken. Vanaf 1945
tot 1952 sluisden de Verenigde Staten $24 miljard ($150 miljard in hedendaagse
dollars) naar Europa om het, inclusief Duitsland, te redden en op te bouwen.
Japan werd verscheidene jaren lang door de Verenigde Staten geregeerd, terwijl
ze het herbouwden en weer op de voeten plaatsten.
Sinds die tijd hebben zowel
de Verenigde Staten als Groot-Brittanni nog veel meer miljarden aan
buitenlandse hulp aan andere landen gegeven. Dit zijn enkele manieren waarop
Groot-Brittanni en de Verenigde Staten een zegen voor de naties van de wereld
zijn geweest. Deze zegeningen gingen echter gepaard met misleide inspanningen
en onrechtvaardigheden. Dat is de nalatenschap van de zeer gezegende naties die
de God die hen zegende hebben veronachtzaamd en genegeerd.
In de 19e en 20e
eeuw waren de Anglo-Amerikaanse volken de heersende macht in de wereldzaken.
Zal dit patroon in de 21e eeuw voortduren?
De Britse wereldheerschappij
is allang voorbij. Aan
het eind van de Tweede Wereldoorlog hadden de Britten geen hulpmiddelen meer en
evenmin als de wil hun imperium in stand te houden. Nadat Groot-Brittanni in
1947 India onafhankelijkheid had verleend, begon het Britse Rijk zich met
duizelingwekkende vaart uiteen te vallen. De Britse suprematie
maakte in de tweede helft van de 20e eeuw snel plaats voor de
Amerikaanse overheersing.
Hoewel de Amerikaanse
militaire, economische, industrile en technische macht nog altijd het
machtigst zijn, voorspelt het dalende morele verval van de Verenigde Staten
niet veel goeds. Veel Amerikanen en Britten weigeren God en zijn zegeningen te
erkennen. In hun intellectuele en geestelijke arrogantie hebben velen besloten
het bestaan van de Schepper te ontkennen en de valse religie van evolutie en
haar seculier-humanistische theologie te aanvaarden. Zij geven
er de voorkeur aan te geloven dat de ontzagwekkende zegeningen van nationale
welvaart en macht toeval zijn dan wel het resultaat van hun eigen inspanningen.
Evenals het oude Isral negeren zij de waarschuwende woorden van God en
riskeren weer in ballingschap te gaan! (Deuteronomium
8:10-14).
Niet alle stammen zijn zo
eenvoudig te traceren als Jozef. Van de overige zijn volgens Yair Davidy, de schrijver van the
Tribes de identiteiten als volgt: Dan is Denemarken; Ruben is Frankrijk; Zebulon is Nederland; Belgi is Benjamin; Gad is Zweden; Naftali is
Noorwegen; Aser is Schotland en Zwitserland is Issakar. De overige stammen zoals Levi, Simeon en een deel van Benjamin zijn bij Juda gebleven.
In de eindtijd zullen de verloren stammen na een
moeilijke periode van grote verdrukking verenigd worden met Juda:
Zo zegt de Here Here: zie,
Ik haal de Israelieten weg uit de volken naar wier
gebied zij gegaan zijn; Ik zal hen van alle kanten bijeenverzamelen en hen naar
hun land brengen. 22 En Ik zal hen tot n
volk maken in het land, op de bergen Israels, en een
koning zal over hen allen koning zijn; niet langer zullen zij twee volken zijn
en niet langer verdeeld in twee koninkrijken.24 En mijn knecht David zal koning over
hen wezen; een herder zal er voor hen allen zijn. Zij zullen naar mijn
verordeningen wandelen en naarstig mijn inzettingen onderhouden. Vers 27 Mijn
woning zal bij hen zijn; Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een
volk zijn. (Ezechil 37:22-28).
Hiermee is deze serie ten
einde gekomen. Indien u meer wilt weten bestel dan ons gratis boekje: United States and Britain in Bible Prophecy.
Het Nederlandse Supplement van The Good News mei/juni
2004
1