Het
Nederlandse Supplement van

juli / augustus 2006
Het ongelooflijke potentieel van de mens!
Heeft u zich ooit
afgevraagd waarom God de mens heeft geschapen en waarom de mens gemaakt is naar
Gods beeld en gelijkenis? Ligt daarachter een verborgen reden die tot nu toe
een mysterie is gebleven? Waarom moest Jezus als mens geboren worden? Wat is
het verband tussen dit alles en het goede nieuws dat Jezus Christus kwam brengen? De waarheid
hierover is zo fascinerend en bijna ongelofelijk als deze u wordt verteld!
Is de mens louter per toeval ontstaan of is de mens bestemd volgens
goddelijk besluit om een glorieuze ongelooflijke toekomst tegemoet te gaan?
Het feit dat God de mens
anders geschapen heeft dan de dieren geeft al heel duidelijk weer wat God van
plan is.
In Genesis 1:21-27 staat
namelijk dat alle dieren naar hun aard werden geschapen. De mens echter is niet
naar de aard der mensen geschapen, maar naar Gods beeld geschapen: “Toen
schiep God de grote zeedieren en alle krioelende levende wezens, waarvan de wateren wemelen, naar hun aard, en allerlei
gevleugeld gevogelte naar zijn aard. En God zag, dat het goed was. En
God zegende ze en zeide: Weest
vruchtbaar, wordt talrijk en vervult de wateren in de zeeen, en het gevogelte worde talrijk op de aarde. Toen was
het avond geweest en het was morgen geweest: de vijfde
dag. En God zeide:
Dat de aarde voortbrenge levende wezens naar hun
aard, vee en kruipend gedierte en wild gedierte naar
hun aard; en het was alzo. En God
maakte het wild gedierte naar zijn aard en het
vee naar zijn aard en alles wat op de aardbodem kruipt naar zijn aard.
En God zag, dat het goed was. En God zeide: Laat Ons
mensen maken naar ons beeld, als onze gelijkenis, opdat zij heersen over
de vissen der zee en over het gevogelte des hemels en over het vee en over de
gehele aarde en over al het kruipend gedierte, dat op
de aarde kruipt. En God schiep de mens naar Zijn beeld; naar Gods beeld
schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij hen.
En God
zegende hen en God zeide tot hen: Weest
vruchtbaar en wordt talrijk; vervult de aarde en onderwerpt haar, heerst over
de vissen der zee en over het gevogelte des hemels en over al het gedierte, dat
op de aarde kruipt.”
Er is dus een groot verschil tussen mensen en dieren.
Hoewel ze beiden uit stof zijn geformeerd is de mens naar Gods beeld en
gelijkenis geschapen om heerschappij te hebben over de aarde en over alle
dieren. De mens is het enige wezen op aarde met intelligentie en vermogen tot
nadenken, redeneren, overleggen, ontwerpen,
plannen maken en met het vermogen deze plannen tot stand te brengen. Dit vermogen
wordt aan de hersenen verleend door middel van de menselijke geest.
Waarom heeft God de mens
geschapen
De mens werd geschapen om een
relatie met Zijn schepper te hebben. Daarom werd de mens in de vorm en de
gestalte van Zijn Schepper gemaakt waarbij het contact en de relatie mogelijk
wordt gemaakt door de in hem aanwezige menselijke geest.
Maar de schepping van de mens
was niet voltooid. In mentaal en vooral geestelijk opzicht mist de mens een
ingrediënt dat hem in staat stelt rechtvaardig goddelijk karakter te
ontwikkelen. Dit extra ingrediënt is de Geest van God die zich met de geest van
de mens verbindt en hem aldus als Gods kind verwekt en Gods natuur zodoende
inplant.
God wou altijd al wezens creëren
met goddelijk volmaakt karakter. Een karakter met liefde voor de naaste die
altijd rechtvaardig handelt binnen de wetten Gods. Alleen God de Vader en het
Woord (dat later Christus werd zie Johannes 1:1-18) hadden dit volmaakt karakter.
Voordat God de mens schiep
had God engelen geschapen maar een derde deel van de engelen volgde Satan in
zijn rebellie tegen God en heeft gezondigd. Ze zijn toen gevallen en zijn
verdorven en verdraaid geworden. God ging echter door met Zijn plan om heilig
goddelijk karakter te ontwikkelen en besloot de mens eerst uit stof te creëren
zodat hij gekneed en geboetseerd zou kunnen worden tot dat heilige karakter dat
God in hen wil inplanten. Daartoe moest God eerst Zijn heilige natuur aan de
mens toevoegen via Gods Heilige Geest.
Dit proces wordt opgestart
nadat God de mens roept (Johannes 6:44-47) en hen tot berouw en bekering leidt.
Na berouw en bekering volgt de doop en de handoplegging,
waarna, conform de belofte van God de Vader, de bekeerde mens Gods Heilige
Geest ontvangt (Handelingen 1: 4-5; 2:38-40). Gods natuur komt in de
mens door inwoning van de Geest van de Vader en van Christus (vraag ons gratis engelstalige boekje aan: (”Transforming your life”).
Als Gods natuur eenmaal in de
mens Zijn intrede heeft gemaakt, begint de mens goddelijk karakter te
ontwikkelen en de werken van het vlees door Gods Geest te doden: Romeinen
8:13-16 “Want indien gij naar het vlees leeft, zult gij sterven; maar indien gij
door de Geest de werkingen des lichaams doodt, zult
gij leven. Want zovelen als
er door den Geest Gods geleid worden, die zijn kinderen Gods. Want gij hebt niet ontvangen den Geest der dienstbaarheid wederom
tot vreze; maar gij hebt ontvangen den Geest der aanneming tot kinderen, door
Welken wij roepen: Abba, Vader! Dezelve
Geest getuigt met onzen geest, dat wij kinderen Gods zijn.”
De mens moet zich evenwel laten leiden door Gods Geest om kinderen Gods te
zijn en wie Gods Geest niet heeft is niet van Christus: “Gij daarentegen zijt niet in het vlees, maar in de Geest, althans, indien
de Geest Gods in u woont. Indien iemand echter de Geest van Christus niet
heeft, die behoort Hem niet toe” (Romeinen 8:9).
God vermenigvuldigt
Zichzelf
Het feit dat God mensen naar
Zijn beeld heeft geschapen en vervolgens Zijn natuur met hen deelt, heeft als
achterliggende gedachte dat God Zichzelf aan het vermenigvuldigen is! God wil
kinderen krijgen met dezelfde eigenschappen zoals Hij heeft: met Zijn natuur,
Zijn Geest, Zijn karakter. Ja, net zoals wij mensen gelijksoortige kinderen van
vlees en bloed voortbrengen, wil God godgelijke kinderen uit Geest
voortbrengen.
Het ongelooflijke
potentieel
Alleen de mens bezit dit
ongelooflijke potentieel om gelijksoortige kinderen Gods te worden. In Hebreeën
1:6 –12 staat: “Want niet aan engelen heeft Hij de toekomende wereld,
waarvan wij spreken, onderworpen. Maar, iemand heeft ergens betuigd, zeggende:
Wat is de mens, dat Gij zijner gedenkt, of des mensen zoon, dat Gij naar hem
omziet? Gij hebt hem voor een korte tijd beneden de
engelen gesteld, met heerlijkheid en eer hebt Gij hem gekroond alle dingen hebt
Gij onder zijn voeten onderworpen. Want bij dit: alle dingen hem onderworpen,
heeft Hij niets uitgezonderd, dat hem niet onderworpen zou zijn. Doch thans
zien wij nog niet, dat hem alle dingen onderworpen zijn;
maar wij zien Jezus, die voor een korte tijd beneden de
engelen gesteld was vanwege het lijden des doods, opdat Hij door de genade Gods
voor een ieder de dood zou smaken, met heerlijkheid en eer gekroond. Want het voegde
Hem, om wie en door wie alle dingen bestaan, dat Hij, om vele zonen tot
heerlijkheid te brengen, de Leidsman hunner
behoudenis door lijden heen zou volmaken. Want Hij, die heiligt, en zij, die
geheiligd worden, zijn allen uit een; daarom schaamt Hij Zich niet hen
broeders te noemen en Hij zegt: Uw naam zal ik aan mijn broeders verkondigen,
in het midden der gemeente zal ik U lofzingen.’
Jezus Christus heeft alles
geschapen in Zijn vroegere goddelijk
bestaan als het Woord (Johannes 1: 3,14; Colossenzen
1:14-17,). Na Zijn opstanding kreeg Hij weer de goddelijke heerlijkheid die Hij
vroeger had bij God (Hebreeën 1:9, Johannes 17:5; Lucas 9:26; 1 Titus 3:19) en wij zullen worden zoals Hij is (1 Johannes
3:1-2).
Alleen de mens is instaat
(met Gods hulp) Gods koninkrijk binnen te gaan, na een transformatie te hebben
ondergaan tot een geestelijk, onsterfelijk, goddelijk wezen. In dit koninkrijk
kunnen geen mensen van vlees en bloed binnengaan (1 Corinthiërs 15:50). De mens
moet namelijk opnieuw geboren worden uit de Geest (Johannes 3: 4-7). Nadat het
volmaakte en rechtvaardige karakter eenmaal in de mens tot stand is gekomen,
volgt het ongelooflijke potentieel van de mens: de mens wordt geboren in het
heilige GEZIN van God. Dit gezin of koninkrijk bestaat uit louter eeuwig
levende geestelijke wezens met een goddelijke natuur en goddelijke
eigenschappen. Thans maken alleen God de Vader en Jezus Christus deel uit van
dit koninkrijk. Na de eerste opstanding bij de terugkomst van Jezus Christus
zullen al Gods kinderen, die geleid werden door Gods Heilige Geest en goddelijk
karakter hebben ontwikkeld, dit koninkrijk binnengaan.
God zal dan Zijn regering op
aarde installeren. Aan het hoofd van deze regering, of koninkrijk, op aarde
staat Jezus Christus als Koning der koningen. Zijn heiligen die met Gods natuur
in het koninkrijk zijn geboren, zullen samen met Christus regeren tot in
eeuwigheid (Daniel 7:18).
Waarom Christus mens moest
worden
Aangezien alleen de mens het
potentieel heeft om veranderd te worden tot eeuwig levende goddelijke kinderen
was het voor Jezus Christus heel belangrijk om hen te redden van de zonden en
te verlossen uit de macht van Satan. De mens is na de zondeval van Adam in de
greep van Satan geraakt en slaaf van de zonde geworden: “Daarom, gelijk door
een mens (Adam)
de zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de(eeuwige) dood, zo is
ook de (eeuwige) dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen
gezondigd hebben” (Romeinen 5:12).
Christus werd door God de Vader naar de aarde gestuurd om
werken van de Duivel te verbreken en Gods potentiële kinderen van de eeuwige
dood te verlossen: “Wie de zonde doet is uit de duivel, want de duivel
zondigt van den beginne. Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, opdat Hij de
werken des duivels verbreken zou“ (1Johannes 3:8).
In Romeinen 6:23 staat dat “het
loon, dat de zonde geeft, is de (eeuwige) dood, maar de genade, die God
schenkt, is het eeuwige leven in Christus Jezus, onze Here.”
Door deze daad van Jezus
Christus worden wij om niet gerechtvaardigd.
Romeinen 3: 23-24 “Want allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods en worden om niet
gerechtvaardigd uit zijn genade, door de verlossing in Christus Jezus.”
Romeinen 5: 17-19 “Want,
indien door de overtreding van de ene (Adam) de (eeuwige) dood als koning is
gaan heersen door die ene, veel meer zullen zij, die de overvloed van genade en
van de gave der gerechtigheid ontvangen, leven en als koningen heersen door de
ene, Jezus Christus.
Derhalve, gelijk het door één daad van overtreding voor alle
mensen tot veroordeling gekomen is, zo komt het ook door één daad van
gerechtigheid voor alle mensen tot rechtvaardiging ten leven. Want, gelijk door
de ongehoorzaamheid van een mens zeer velen zondaren geworden zijn, zo zullen
ook door de gehoorzaamheid van één zeer velen
rechtvaardigen worden.”
Niet alleen om hen te
verlossen is Christus mens geworden maar ook om in alles gelijk te worden met
alle kinderen Gods om zodoende hun zonde te kunnen verzoenen:
Hebreeën 1:14-18 “Daar nu
de kinderen aan bloed en vlees deel hebben, heeft ook Hij (Jezus) op gelijke
wijze daaraan deel gekregen, opdat Hij door Zijn dood hem, die de macht over
de dood had, de duivel, zou onttronen, en allen zou bevrijden, die
gedurende hun ganse leven door angst voor de dood tot slavernij gedoemd waren.
Want over de engelen ontfermt Hij Zich niet, maar Hij
ontfermt Zich over het nageslacht van Abraham. Daarom moest Hij in alle
opzichten aan zijn broeders gelijk worden, opdat Hij een barmhartig en getrouw hogepriester zou worden bij God, om de zonden van
het volk te verzoenen.
Want doordat Hij zelf in
verzoekingen geleden heeft, kan Hij hun, die verzocht worden, te hulp komen.
Daarom, heilige broeders, deelgenoten
der hemelse roeping, richt uw oog op de apostel en hogepriester onzer
belijdenis, Jezus, die getrouw is jegens Hem, die Hem
heeft aangesteld, evenals ook Mozes getrouw was in geheel zijn huis.”
Jezus Christus moest mens worden
om de mensen uit de handen van Satan te redden en om op gelijke wijze deel te
hebben aan vlees en bloed zodat Hij dood kon gaan in hun plaats en zij om
niet aanspraak kunnen maken op de gaven der gerechtigheid Gods:
verheerlijking in Gods Koninkrijk.
Aangezien Christus geen zonde
heeft begaan, kon ook Hij op Zijn beurt aanspraak maken op de toegang tot Gods
Koninkrijk en veranderd worden tot een Goddelijke Zoon in heerlijkheid.
Het Goede Nieuws en
Evangelie
Het evangelie is het Griekse
woord voor het goede nieuws. Christus‘prediking betrof het goede nieuws over de
komst van Gods koninkrijk: “En dit evangelie van het
Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor
alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn” (Mattheüs 24:14).
Het evangelie van het
koninkrijk is met andere woorden het Goede Nieuws van Gods Koninkrijk van Gods
Gezin dat Christus van de Vader kwam brengen. Dit goede Nieuws heeft alles te
maken de geboorte van Gods kinderen in het koninkrijk en het plan van God om
zich te vermenigvuldigen en vele kinderen tot heerlijkheid te brengen. Het
goede nieuws behelst het feit dat Christus de mens heeft verlost van de eeuwige
dood en de toegang tot Gods Koninkrijk mogelijk heeft gemaakt, waardoor zij die
door God geroepen en uitverkoren zijn en met Gods hulp overwonnen hebben, tot
Gods heerlijkheid kunnen ingaan als eeuwig levende kinderen Gods.
Daarom wordt het evangelie
van Gods Koninkrijk ook het evangelie van heerlijkheid genoemd (1Titus 1:11). Paulus schreef
het volgende over deze heerlijkheid: “Om deze reden wil ik alles verdragen,
om de uitverkorenen, opdat ook zij het heil in Christus Jezus verkrijgen met
eeuwige heerlijkheid” (2 Titus 2:10).
“Wanneer Christus
verschijnt, die ons leven is, zult ook gij met Hem
verschijnen in heerlijkheid” (Colossenzen 3:4).
De komst van Gods
Koninkrijk
Wanneer is de komst van Gods
koninkrijk en waar zal het plaatsvinden?
In Daniël staat hoe het
Koninkrijk wordt opgericht op aarde:
Daniel 7:13-14 ”Ik bleef
toekijken in de nachtgezichten en zie, met de wolken des hemels kwam iemand
gelijk een mensenzoon (Christus); Hij begaf zich tot
de Oude van dagen (God de Vader), en men leidde Hem voor Deze; en Hem werd
heerschappij gegeven en eer en koninklijke macht, en alle volken, natiën en
talen dienden Hem. Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij, die
niet zal vergaan, en zijn koningschap is een, dat onverderfelijk is.”
Vers 18: “daarna zullen de heiligen des Allerhoogsten het koningschap ontvangen, en zij zullen het
koningschap bezitten tot in eeuwigheid, ja, tot in eeuwigheid der eeuwigheden.”
Vers 27: “En het koningschap, de macht en de grootheid
der koninkrijken onder de ganse hemel zal gegeven worden aan het volk
van de heiligen des Allerhoogsten: zijn koningschap
is een eeuwig koningschap, en alle machten zullen het dienen en gehoorzamen.”
Meerdere opstandingen
De natuurlijke mens is geen
god in zichzelf, maar alleen sterfelijk vlees en bloed met hersenen die door de
menselijke geest van intellect worden voorzien. De Bijbel geeft duidelijk aan
dat de mens een geest heeft die wij de menselijke geest noemen (1 Corinthiërs
2:11, Romeinen 8:16). De natuurlijke mens heeft geen onsterfelijke ziel. De
mens kan volledig ophouden te bestaan zoals aangegeven wordt in Mattheüs 10:28 “En weest niet bevreesd voor hen, die wel het lichaam doden,
maar de ziel niet kunnen doden; weest veeleer
bevreesd voor Hem, die beide, ziel en lichaam, kan verderven in de hel.”
Wie in de hel belandt krijgt als straf de eeuwige dood: een toestand alsof
men nooit heeft bestaan. Men houdt eenvoudigweg op te bestaan. Men blijft dan
als het ware voor altijd dood. Dood is een toestand zonder bewustzijn: Prediker
9:10: “want er is geen werk of overleg of kennis of wijsheid in het
dodenrijk waarheen gij gaat.”
Hel is geen eeuwig leven vol
pijniging zoals velen beweren, maar de eeuwige dood: een totale vernietiging. Christus’offer was juist om de mens te verlossen van deze
eeuwige dood, deze totale vernietiging. Dat gebeurt via de opstanding der
doden. 1 Corinthiërs 15:21 “Want,
dewijl de dood er is door een mens (Adam), is ook de opstanding der
doden door een mens (Jezus).”
In de Bijbel worden er
meerdere opstandingen beschreven.
Het Koninkrijk Gods op aarde
gaat van start met de eerste opstanding bij de terugkomst van Christus op
aarde. Deze eerste opstanding vindt plaats bij de laatste bazuin (1 Corinthiërs
15:35-58) en dat betreft de opstanding van de eerstelingen, de heiligen der
Allerhoogste (Openbaring 20:1-6).
Deze zijn het die bij de
terugkomst van Christus met Gods Heilige Geest overwonnen hebben. Zowel zij die op dat moment in leven
zijn, als zij die in Christus ontslapen zijn, krijgen op dat moment een
verheerlijkt lichaam. Over hen heeft de tweede dood (eeuwige dood) geen macht.
Na deze opstanding zullen de
verheerlijkte eerstelingen samen met Christus (om te beginnen) voor 1000 jaar
op aarde regeren.
Merk ook op (vers 5 van
Openbaring 20) dat pas na die 1000 jaar de overige doden opgewekt zullen
worden.
Gedurende deze 1000-jarige
regering die ook wel het Millennium wordt genoemd, vindt de wederopbouw plaats
van vele dingen. De woestijnen worden waterbronnen en de steppen zullen
bloeien. Oorlogen zullen verbannen worden (Jesaja 2:4; Micha 4:3).
De ogen der blinden en oren der doven zullen ontsloten worden. De stommen
zullen jubelen en de lammen zullen springen als herten (Jesaja 34:1-10). De volken op aarde zullen onderworpen worden aan het rechtvaardige
gezag van Christus en Zijn heiligen. Zelfs de natuur van de dieren zal
een verandering ondergaan (Jesaja 11:6-9; Jesaja 65: 20-25).
Na het Millennium vindt de
volgende opstanding plaats, de opstanding van de overige doden. Zij worden weer
tot leven opgewekt als mensen van vlees en bloed. Deze periode wordt genoemd
het “oordeel van de Grote Witte Troon”:
“En ik zag een grote witte
troon en Hem, die daarop gezeten was, voor wiens aangezicht
de aarde en de hemel vluchtten, en geen plaats werd voor hen gevonden. En ik
zag de doden, de groten en de kleinen, staande voor de troon, en er werden
boeken geopend. En nog een ander boek werd geopend, het boek des levens; en de
doden werden geoordeeld op grond van hetgeen in de
boeken geschreven stond, naar hun werken”
(Openbaring 20: 11-12).
Alle overige mensen die ooit
hebben geleefd, zullen tot een sterfelijk bestaan van vlees en bloed worden opgewekt
en krijgen in deze opstanding hun kans om door Gods Geest verwekt te worden tot
kinderen Gods. Dit gebeurt via het proces van berouw, bekering, doop door
onderdompeling (de doop is een watergraf, zie Romeinen 6:4), handoplegging en
onderwijs, want de (bijbel)boeken (Biblios) werden
geopend om hen aangaande Gods wegen te instrueren.
Ezechiël 37:1-14 toont
eveneens deze periode, waarbij de dorre beenderen van het huis Israëls weer tot
fysiek leven worden opgewekt (vers 6).
Merk op dat naast de menselijk geest in vers 5, ook Gods Geest aan hen wordt
geschonken in vers 14. Met andere woorden na de dood krijgt volgens Openbaring
20:11 iedereen een kans Gods natuur te beërven niet alleen Israël. Iedereen
krijgt de gelegenheid om met Gods Geest Gods wegen te bewandelen en
rechtvaardig karakter te ontwikkelen. Betreffende dit oordeel
van de Grote Witte Troon zei Jezus:”De mannen van Ninevé
zullen in het oordeel opstaan met dit geslacht en het veroordelen; want zij
hebben zich bekeerd op de prediking van Jona en zie,
meer dan Jona is hier” (Math
12:41-42, Lucas 11:31-32). Er zullen straffen zijn. Zij die weinig
gezondigd hebben zullen minder worden opgelegd. Lees ook Lukas
10:12,14 en Lukas 12:47-48.
Zij die in deze fase niet van
deze gelegenheid gebruikmaken en die pertinent blijven weigeren om God te
gehoorzamen zullen niet in het boek des levens worden opgenomen.
Voor hen wacht hetgeen beschreven staat in Openbaring 20: 13-15: “En de
zee gaf de doden, die in haar waren, en de dood en het dodenrijk gaven de
doden, die in hen waren, en zij werden geoordeeld, een ieder naar zijn werken.
En de dood en het dodenrijk werden in de poel des vuurs
geworpen. Dat is de tweede dood: de poel des vuurs.
En wanneer iemand niet bevonden werd geschreven te zijn in het boek des levens,
werd hij geworpen in de poel des vuurs.”
Dit is de tweede dood ofwel
de eeuwige dood.
Nieuwe hemel en nieuwe
aarde
God de Vader is van plan
daarna het hele universum te vernieuwen met een nieuwe hemel en een nieuwe
aarde om tenslotte naar deze aarde te komen om Zijn
troon op de nieuwe aarde te vestigen. God gaat wonen temidden van Zijn gezin
bestaande dan uit miljarden goddelijke kinderen (Openbaring 21:3).
Mensen zijn op aarde om een
geweldige reden: namelijk het ongelooflijke potentieel om uit God geboren te
worden tot onsterfelijke kinderen Gods. Het uiteindelijke doel van de mens is
geboren te worden in het heilige gezin van God dat het koninkrijk van God zal
vormen.
Wilt u meer weten over dit
onderwerp vraagt u dan
kosteloos de volgende boekjes aan:
- Wat is
uw bestemming?
- Gods Plan volgens Zijn
heilige dagen.
- Het Evangelie van het
koninkrijk.