Het Nederlandse Supplement van

 

 

 

september/oktober 2006

 

Het Pascha en de Verzoendag


Als wij door Christus offer met God verzoend worden, waarom hebben we dan nog een andere heilige dag nodig om ons te onderwijzen aangaande verzoening? Is niet het offer van Christus op de Paschadag voldoende? Wat is de betekenis van de Verzoendag in relatie tot het Pascha?

 

 

Het offer van Jezus Christus is de centrale gebeurtenis in Gods plan van redding van de mensheid. Sprekend over zijn zekere dood zei Christus, verwijzend naar Zichzelf als de Zoon des mensen, dat Hij verhoogd moest worden (gekruisigd), zoals Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, opdat een ieder, die gelooft in Hem eeuwig leven hebbe. Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft niet verloren ga maar eeuwig leven hebbe
(Johannes 3:14-16).

 

Onze Verlosser moest sterven omdat dat de enige manier was waarop God onze zonden zou kunnen vergeven. De Bijbel vertelt ons dat zonde het overtreden van Gods wet van liefde is (1 Johannes 3:4). Wij hebben allen gezondigd en derven hierdoor de heerlijkheid Gods (Romeinen 3:23). Wij allen hebben de doodstraf verdiend voor onze ongehoorzaamheid (Romeinen 5:12; 6:23). Wij zouden allen voor eeuwig verdoemd zijn als niet op een andere wijze de straf voor onze zonden was ondergaan. Christus, Die een volmaakt leven leefde als het smetteloze Lam van God, stierf in onze plaats. Door Zijn offer werd voor onze zonden betaald. Het nieuwtestamentische Pascha is een herdenking van de kruisiging van Christus. Door het in acht te nemen verkondigt gij de dood des Heren totdat Hij komt (1 Korinthirs 11:26). Jezus gebood Zijn discipelen om tijdens het Pascha wijn te drinken als symbool van Zijn bloed. God vergeeft ons onze zonden door Jezus vergoten bloed (1 Johannes 1:7). In Hebreen 9:22 legt Paulus uit: nagenoeg alles wordt volgens de wet met bloed gereinigd, en zonder bloedstorting geschiedt er geen vergeving.

In het Oude testament dienden dierlijke offers als een symbool van het enige werkelijk toekomstige offer, Jezus Christus, Die eens en voor altijd de straf zou ondergaan voor de zonden van iedere mens.

De Bijbel leert dat het leven in het bloed is (Genesis 9:4). Als iemand voldoende bloed verliest sterft hij of zij. Daarom wordt door bloed, als het uitgegoten wordt, verzoening gedaan voor begane zonden.

Jezus verloor Zijn bloed toen Hij gekruisigd was (Lukas 22:20; Jesaja 53:12). Hij heeft Zijn bloed uitgegoten en zodoende verzoening gedaan voor onze zonden.

Als wij door Christus offer met God verzoend worden, waarom hebben we dan nog een andere heilige dag nodig om ons te onderwijzen aangaande verzoening? Over welke heilige dag hebben we het dan, vraagt u zich misschien af? Over de Grote Verzoendag (Lev 23:27-32) of ook wel de vasten genoemd (Handelingen 27:9).

Waarom is de Grote Verzoendag een aparte heilige dag en waarin verschilt het van het Pascha? Het Pascha is persoonlijk en individueel van toepassing op ieder mens. De Grote Verzoendag heeft universele gevolgen. Het Pascha rekent af met onze zonden; de Grote Verzoendag rekent af met de zonde (zonder n). De Grote Verzoendag verwijst namelijk naar het verwijderen van de voornaamste oorzaak van zonde satan en zijn demonen. Deze symboliek komt tot uiting in het zestiende hoofdstuk van Leviticus waar de handelingen op de Grote Verzoendag, zoals die vr de kruisiging plaatsvonden, worden beschreven.

Opvallend is dat de priester twee geitenbokken moest kiezen als zondoffer voor het volk, en dat hij ze aan de Here moest tonen (vers 5, 7). Aron, de hogepriester, moest het lot werpen om er n uit te kiezen voor de Here, die hij als offer moest brengen (vers 8-9). Deze geitenbok stelde Jezus Christus voor, die gedood zou worden om de straf voor onze zonden te betalen.

De andere geitenbok was voor een totaal ander doel bestemd: Maar de bok waarop het lot voor Azazel gevallen is, zal men levend voor het aangezicht des Heren stellen, om daarmee verzoening te doen, door hem voor Azazel de woestijn in te zenden (vers 10). Vele geleerden identificeren het Hebreeuwse woord Azazel als de naam van een boze geest die in de woestijn woont (Interpreters Dictionary of the Bible, dl.1, p.236). Let wel, deze geitenbok mocht niet gedood worden. De hogepriester moest zijn beide handen op de kop van de levende bok leggen en over hem al de ongerechtigheden der Isralieten en al hun overtredingen in al hun zonden, belijden; hij zal die op de kop van de bok leggen en die door iemand, die daarvoor gereed staat, naar de woestijn laten brengen. Zo zal de bok al hun ongerechtigheden op zich dragen naar een onvruchtbaar land, en hij zal de bok in de woestijn vrijlaten (vers 21-22).

De hogepriester legde zijn handen op deze bok en beleed daarover de slechtheid, rebellie en zonden van het volk. Waarom? Als huidige heerser over de wereld draagt de duivel verantwoordelijkheid voor de perverse wijze waarop hij de mensheid verleidt en tot zonde drijft. Het wegzenden van de met zonde beladen geitenbok betekende het volkomen verwijderen van de zonden van het volk en het, als het ware, overdragen daarvan op de boze geest waarbij ze thuishoorden (The One Volume Bible Commentary, p.95).

De symboliek van de levende geitenbok is vergelijkbaar met het lot van satan en zijn demonen, die God zal verwijderen voordat de duizendjarige heerschappij van Jezus Christus wordt gevestigd. Het boek Openbaringen beschrijft deze gebeurtenis: En ik zag een engel nederdalen uit de hemel met de sleutel des afgronds en een grote keten in zijn hand; en hij greep de draak, de oude slang, dat is de duivel en de satan, en hij bond hem duizend jaren, en hij wierp hem in de afgrond en sloot en verzegelde die boven hem, opdat hij de volkeren niet meer zou verleiden, voordat de duizend jaren voleindigd waren (Openbaringen 20:1-3).

 

Dienen Gods Heilige Feestdagen ook nu nog gevierd te worden?

God heeft zeven jaarlijkse sabatten gegeven (Lev. 23). Hoewel God in Leviticus 23 zegt dat het Zijn Feestdagen zijn en daarmee dus ook dienen tot Zijn eer, had God er nog een ander groot doel mee voor ogen. Deze dagen werden ingesteld om Gods kinderen, door begrip van Gods grote plan van behoud, voortdurend in de ware gedachtenis en aanbidding van God te houden, aangezien deze dagen de verschillende stadia in Gods plan van de geestelijke schepping weergeven, zoals we even hiervoor hebben kunnen zien ten aanzien van 2 van de 7 feesten.

God gebood Zijn feesten heilige dagen of jaarlijkse sabbatten jaar op jaar en voor eeuwig (zie bijvoorbeeld Lev. 23:41) te vieren.

Nu denkt u wellicht: zijn de feesten dan niet afgeschaft met het Oude Verbond? Nee! De Feesten werden noch met de wet van Mozes noch met het Oude Verbond ingesteld in Exodus 12 zien we bijvoorbeeld dat de Isralieten, toen zij nog in Egypte waren en dus lang voordat er enige Wet van Mozes gegeven was, de feesten reeds onderhielden. Wat de wet van Mozes en het Oude Verbond dus niet brachten of instelden, kan er evenmin mee worden afgeschaft. Dit alleen al bewijst dat de heilige dagen, inclusief het Pascha en de Grote Verzoendag, vandaag en voor altijd bindend zijn.

In het Nieuwe Testament vinden we overigens ook aanwijzingen voor het feit dat de Feesten nog immer gevierd werden, ook n de kruisiging en opstanding van de Here Jezus (Zie bijvoorbeeld Hand. 27:9 waarin staat dat: de vaart reeds bedenkelijk werd, daar ook de vasten (een verwijzing naar de Grote Verzoendag) reeds achter de rug was).

In Leviticus 23:27 staat dat wij ons moeten verootmoedigen op deze dag. Wat betekent dat? In het Hebreeuws wordt hier het woord anah gebruikt, hetgeen met vasten verband houdt (zie Ps. 35:13, Ezra 8:21 en het eerder aangehaalde Hand. 27:9). Vasten betekent zich onthouden van voedsel en drank en het geeft ons verlangen aan om dichter tot God te naderen. Het vasten helpt ons eraan herinneren dat we fysieke mensen zijn en helpt ons te beseffen hoezeer wij de Here God nodig hebben als Degene die het leven geeft en die het leven in stand houdt. Vasten is niet bedoeld om op die manier iets van God af te dwingen! Het is dus ook van het grootste belang om met de juiste houding te vasten en met het juiste doel voor ogen!

 

Voor wie geldt dan het gebod om deze Feesten eeuwig te vieren?

Voor Gods volk! Wij zijn Gods volk, al dan niet fysiek, maar dan toch zeker geestelijk. Zie hiervoor de uitleg die Paulus geeft in de brief aan de Romeinen (Rom. 11:11-24). Hij legt uit dat de heidenen (zijnde al degenen die niet van Joodse/Isralitische afkomst zijn) als wilde loot gent zijn op de stam (vers 17; de stam staat voor de Here Jezus, zie hiervoor Joh. 15:1-8).

De feesten zijn dus niet louter en alleen bedoeld voor Gods fysieke volk (Rom. 11:25-32, met name verzen 31 en 32); ze zijn evenzeer voor Gods geestelijke volk bedoeld en beelden Gods plan met de gehele mensheid uit en alle stadia daarin.

Overigens wordt in bijvoorbeeld Zacharia 14 vers 16 melding gemaakt van het feit dat de feesten door allen gevierd zullen worden in het Millennium (hier spreekt het specifiek over het Loofhuttenfeest), reden temeer dus om Gods heilige Feesten ook nu nog te vieren.

 

En zijn met God

Terug naar de Grote Verzoendag.

Het verdrijven van de tweede, levende bok toont de uiteindelijke verzoening, door de zonden te plaatsen op het hoofd van de bewerker op wie ze horen, en ten tweede de volledige verwijdering van de zonden, de zonde en hun bewerker uit de aanwezigheid van God en zijn volk, waardoor de volledige verlossing van het volk uit de macht van satan is bereikt.

Verzoenen betekent n worden. Pas wanneer dit is gebeurd, kunnen wij volkomen n zijn met God.

 

Wilt u meer weten over dit onderwerp vraagt u dan kosteloos de volgende boekjes aan:

- Gods Plan volgens Zijn heilige dagen.

- Transforming your Life, The process of Conversion.

 


 


september-oktober 2006


United Church of God Holland: Adres: Postbus 93, 2800 AB Gouda. Tel/fax: 084-8319389
Web: www.ucg-holland.nl. Email: info@ucg-holland.nl. Bankrekeningnummer: 53.83.60.747 tnv UCG-Holland te Gouda