Het Nederlandse Supplement van

4
Januari / Februari 2010


De Tegenstander!


Dit artikel gaat over onze tegenstander, de Satan, en is opgebouwd uit drie delen.Het eerste gedeelte behandelt de oorsprong van de duivel. Het tweede gedeelte laat zien hoe Satan te werk gaat en het derde gedeelte geeft aan hoe we de Satan kunnen weerstaan.

God schiep een perfecte schepping. We lezen dat in de beschrijving van David in Psalm 19: 2-7: “De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt het werk zijner handen; de dag doet sprake toestromen aan de dag, en de nacht predikt kennis aan de nacht. Het is geen sprake en het zijn geen woorden, hun stem wordt niet vernomen: toch gaat hun prediking uit over de ganse aarde en hun taal tot aan het einde der wereld. Hij heeft daarin een tent opgeslagen voor de zon, die is als een bruidegom die uit zijn bruidsvertrek treedt, jubelend als een held om het pad te lopen. Van het ene einde des hemels is haar opgang en haar omloop tot het andere einde; niets blijft verborgen voor haar gloed.”
God beschrijft dat de Morgensterren en de zonen Gods (beiden een synoniem voor engelen) juichten en jubelden toen
de aarde werd gegrondvest (Job 38: 4-7).
Schiep God de Satan?
De Bijbel is duidelijk over het feit dat de schepping perfect was. In de perfecte schepping werd geen slecht wezen of een tegenstander geschapen.
David beschrijft in Psalm 103 hoe gehoorzaam Gods engelen zijn. De verzen 20 en 21 luiden: “Looft de HERE, gij zijn engelen, gij krachtige helden die zijn woord volvoert, luisterend naar de klank van zijn woord. Looft de HERE, al zijn heerscharen, gij zijn dienaren, die zijn wil volbrengt.” De engelen doen wat de HEER zegt en zijn gehoorzaam aan het woord dat Hij spreekt. Ze hebben maar één doel: de opdrachten volbrengen. Deze heerscharen of hemelse machten doen wat God behaagt.
We weten niet hoelang die toestand van volmaakt gehoorzaam heeft geduurd. De Bijbel geeft
aan dat op een dag alles anders wordt. Een belangrijke Morgenster werd de Satan. De Bijbel geeft een indicatie van de oorsprong van een uiterst machtig geestelijk wezen die nu de duivel wordt genoemd. Deze Morgenster liet ijdelheid en ongoddelijke ambitie in zijn geest toe en kwam in opstand tegen zijn Schepper. Hij werd de Satan.
Dit wordt beschreven in Jesaja 14, verzen 12 – 15: “Hoe zijt gij uit de hemel gevallen, gij morgenster, zoon des dageraads; hoe zijt gij ter aarde geveld, overweldiger der volken! En gij overlegdet nog wel: Ik zal ten hemel opstijgen, boven de sterren Gods mijn troon oprichten en zetelen op de berg der samenkomst ver in het noorden; ik wil opstijgen boven de hoogten der wolken, mij aan de Allerhoogste gelijkstellen. Integendeel, in het dodenrijk wordt gij neergeworpen, in het diepste der groeve.”
Uit hoofdstuk 14 blijkt dat Jesaja hier de profetie over een menselijke koning (waarschijnlijk Nebukadnezar) combineert met wat er met deze Morgenster is gebeurd. Ezechiël maakt gebruik van hetzelfde type beschrijving in zijn profetie over de koning van Tyrus. Het gaat in de eerste verzen van hoofdstuk 28 nog over een menselijke vorst van Tyrus, maar vanaf de tweede helft van vers 12 wordt een parallel gemaakt met een cherub: “Volmaakt zijt gij van gestalte, vol van wijsheid, volkomen schoon. In Eden waart gij, Gods hof; ... Gij waart een beschuttende cherub met uitgespreide vleugels; Ik had u een plaats gegeven:gij waart op de heilige berg der goden, wandelend te midden van vlammende stenen.”
De term “beschuttende cherub” slaat op de twee beschuttende cherubs op het verzoendeksel van de ark van het verbond (zie Exodus 25). Daar het verzoen-deksel een symbool is van Gods troon, kunnen we concluderen dat Satan als Morgenster, als een beschuttende cherub bij Gods troon was.
Vers 15 van Ezechiël 28 luidt: “Onberispeljk waart gij in uw wandel, vanaf de dag dat gij geschapen werdt, totdat er onrecht in u werd gevonden.” Dit geeft duidelijk aan dat de Satan niet slecht geschapen is.
Als we de elementen van de satan uit de profetieën van Jesaja en Ezechiël plukken, dan zien we wat de reden is geweest waarom deze belangrijke Morgenster de Satan werd. Ezechiël zegt dat hij door zijn uitgebreide handel (de verantwoordelijkheid die hem was gegeven) vervuld is geraakt met geweldenarij en dat hij daardoor tot zonde kwam. Hij was trots op zijn schoonheid en zijn macht en hij wilde meer. Jesaja geeft aan dat hij God van de troon wilde verdringen. Daarom werd hij – vers 17 – ter aarde neergeworpen. Dit is waar Jezus naar refereert in Lukas 10:18 als Hij zegt: “Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen.”

Hoe gaat Satan te werk?
Het Hebreeuwse woord Saitan betekent “verhinderaar” of “tegenstander”. Dit geeft ons een aanknopingspunt met betrekking tot Satans houding, waarmee hij de beschaving van de mens heeft doordrenkt. In het Nieuwe Testament wordt Satan “de duivel”, “de verzoeker”, “de boze”, “de vijand”, “de aanklager”, “de overste van de macht der lucht”, “een mensenmoordenaar”, “de vader der leugen”, “de tegenpartij” en “de overste dezer wereld” genoemd. Zie daarvoor de volgende verzen: Matteüs 4:1, 13:39, Lukas 8:12, Johannes 8:44, 14:30, Hebreeën 2:14, 1 Petrus 5:8 en 1 Johannes 3:8.
Satan is de aanklager en een leugenaar. Hij beschuldigt God of Gods ware dienaren – die hij haat – van dingen waaraan hij, Satan zelf, zich schuldig maakt. In de eerste twee hoofdstukken van het boek Job treffen wij een verslag aan van Satans activiteiten en werkwijze. Het blijkt daarin duidelijk dat Satan valselijk suggereert dat Job verkeerde motieven had. Merk hierbij op (Job 1:12) dat Satan slechts zover kan gaan als God hem toestaat. Hij kan niets doen zonder Gods toestemming.
Satan werkt echter niet alleen. Judas 6 beschrijft dat sommige engelen hun oorspronkelijke positie ontrouw werden.
Een groot deel van de engelen toonde sympathie voor Satans plannen. Eén derde van de engelen werd door Satan meegesleept in zijn opstand tegen God (Openbaringen 12:3-4).
Nadat Satan en zijn engelen uit de hemel verdreven waren, verleidde hij de nieuw geschapen mens die de zondeloze aarde beheerde. De duivel verleidde Eva en Eva, op haar beurt, bracht haar man Adam tot overtreding van Gods geboden. Na hun zondeval bezaten ze geen macht meer om weerstand te bieden aan de verlokkingen van de duivel. Door hun ongehoorzaamheid aan Gods gebod ontstond het kwaad in de wereld. Ze waren nu afhankelijk van Satan; zij hadden in plaats van voor God, voor Zijn tegenstander gekozen.
Het is interessant om naar de drie verleidingen te kijken, die Satan gebruikte. Deze verleidingen werden ook gebruikt bij Jezus en worden ook bij ons ingezet. De drie verleidingen staan opgesomd in Genesis 3:6 “En de vrouw zag, dat de boom goed was om van te eten, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, dat de boom begeerljk was om daardoor verstandig te worden, en zij nam van zijn vrucht en at, en zij gaf ook haar man, die bij haar was, en hij at.”
De eerste verleiding (de boom was goed om van te eten”) is de begeerte van de buik, de dagelijkse behoeften. De tweede verleiding (lust voor de ogen”) gaat om de verzoeking, de begeerte om te bezitten. De derde verleiding (begeerlijk om daardoor verstandig te worden”) heeft te maken met macht, de behoefte om beter te zijn dan anderen of anderen te overheersen.
Zoals gezegd zijn dit dezelfde verleidingen als Jezus onderging in de woestijn. Deze verleiding staat vermeld in Matteüs 4: “Toen werd Jezus door de Geest naar de woestijn geleid om verzocht te worden door de duivel. En nadat Hij veertig dagen en veertig nachten gevast had, kreeg Hij ten laatste honger. En de verzoeker kwam en zeide tot Hem: Indien Gij Gods Zoon zijt, zeg dan, dat deze stenen broden worden. Maar Hij antwoordde en zeide: Er staat geschreven: Niet alleen van brood zal de mens leven, maar van alle woord, dat uit de mond Gods uitgaat.”
Dit is dus de eerste begeerte: de noodzaak voor dagelijkse behoeften.
De tweede verleiding staat vermeld in de verzen 5 en 6: “Toen nam de duivel Hem mede naar de heilige stad en hij stelde Hem op de rand van het dak des tempels, en zeide tot Hem: Indien Gij Gods Zoon zijt, werp Uzelf dan naar beneden; er staat immers geschreven: Aan zijn engelen zal Hij opdracht geven aangaande u, en op de handen zullen zij u dragen, opdat gij uw voet niet aan een steen stoot. Jezus zeide tot hem: Er staat ook geschreven: Gij zult de Here, uw God, niet verzoeken.” Dit is dus de tweede begeerte: de verzoeking.
De derde verleiding staat vermeld in de verzen 8 en 9: “Wederom nam de duivel Hem mede naar een zeer hoge berg en hij toonde Hem al de koninkrijken der wereld en hun heerlijkheid, en zeide tot Hem: Dit alles zal ik U geven, indien Gij U nederwerpt en mij aanbidt. Toen zeide Jezus tot hem:Ga weg, satan! Er staat immers geschreven: De Here, uw God, zult gij aanbidden en Hem alleen dienen.”
In deze verleiding gaat het overduidelijk om macht.
Satan geeft aan Adam en Eva heel subtiel de suggestie dat God niet echt een góede God is. Dat Hij probeerde iets achter te houden voor Adam en Eva. Dat Hij niet zou willen dat zij volledig uit de verf kwamen en hun volle mogelijkheden zouden ontwikkelen. Dat Hij niet echt wilde dat ze zoals Hijzelf zouden zijn en dat de bedoeling van zijn gebod om niet te eten van de Boom van Kennis van Goed en Kwaad was om hen te belemmeren of schade te berokkenen.
In zekere zin viel Satan de aard en het karakter van God aan toen hij Hem lasterde door te zeggen dat God niet het allerbeste voor hen zou willen. Tegenwoordig gebeurt precies hetzelfde. Satan zegt tegen de mensen van nu: “Als jij God gaat gehoorzamen en niet al die dingen, die tegen zijn Woord in gaan, uitprobeert, dan zul je nooit echt gelukkig worden. Het leven zal saai zijn en doods.”
Het is een triest feit dat mensen er achter komen dat, nadat ze ál die dingen hebben uitgeprobeerd, drugs, alcohol, seks, rebellie, zelfverheerlijking, carrière maken, enzovoorts, ze nog steeds niet tevreden zijn. Tegen de tijd dat ze daar achter gekomen zijn, hebben ze hun leven, hun gezin en hun gezondheid al verwoest.
Een ander aspect is dat de duivel onze tijd en vrijheid steelt. Hij houdt ons bezig met onbelangrijke zaken.
Hij houdt ons verstand bezig met ontelbare nutteloze plannetjes.
Hij verleidt ons om te kopen, te lenen, te werken om onze luxe levensstijl te kunnen volhouden. Hij zorgt ervoor dat we constant de TV, internet alle moderne media tegelijk zodat een bombardement aan informatie 24 uur lang op ons indreunt.
Hij wil niet dat we de natuur ingaan, maar computer spelletjes spelen. Geen rust om na te denken. Als we elkaar ontmoeten, fluistert hij ons prietpraat en roddel in. Druk, druk, druk. De duivel berooft je van je vrijheid.

Hoe weerstaan we de duivel?
Satan en zijn gevallen engelen zijn niet gestopt na het verzoeken van onze Heer Jezus Christus. Petrus waarschuwt in 1 Petrus 5:8 dat Satan rondgaat als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden.
Paulus roept de christenen op zich te wapenen tegen de duivel (Efeze 6:11-13).
Hij roept op de wapenuitrusting Gods aan te doen om stand te kunnen houden en weerstand te bieden (vers 13).
De volledige wapenrusting bestaat uit de gordel om onze heupen (Gods waarheid kennen); het harnas van gerechtigheid (gereinigd zijn door Jezus); sandalen (klaar zijn om anderen het evangelie te verkondigen); het schild van geloof; de helm van de redding en het zwaard, zijnde Gods woord de Bijbel.
Met geloof en Gods woord kunnen we de Satan weerstaan, zoals onze Heer Jezus Christus deed in de woestijn. Op elke verzoeking kon Jezus uit geloof de Bijbel aanhalen en de Satan de mond snoeren.
Paulus noemt in vers 18 ook een “geheim wapen”, namelijk het gebed. Bidden is vechten, bidden is de Satan actief weerstaan. U weet dat een onderdeel van het gebed, dat Jezus ons heeft geleerd, is “En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze” (Matteüs 6:13).
De Satan weet namelijk dat als gelovigen niet meer bidden de relatie met hun God onherroepelijk stuk gaat.
Daarom zet de duivel alles op alles om ons weg te houden bij het gebed. En daar zijn we gevoelig voor. We zijn gevoelig voor de duivel die ons in het oor fluistert:

  1. Bid maar niet, je bent nu zo moe, draai je nog maar even om;
  2. Bid maar niet, je kunt tijd wel beter besteden;
  3. Bid maar niet, want er zijn zoveel dingen die echt leuker zijn;
  4. Bid maar niet, want die zonde van jou, daarmee durf je toch niet voor God te komen?;
  5. Bid maar niet, want jouw God verhoort je gebeden toch niet, je vertouwen in Hem zal toch weer beschaamd worden.

Herkenbaar? Dit is allemaal werk van de duivel. Hij wil christenen pakken op wat hun sterkste punt kan zijn: het gebed als de vertrouwelijke en persoonlijke omgang met God, onze Vader.
Het gebed is niet een onderdeel van de wapenrusting, maar de geest waarin we de wapenrusting hanteren. De wapenrusting wordt om, zo te zeggen, pas effectief als we die biddend gebruiken. De geestelijke wapenrusting vraagt om een geestelijke houding. En dat is de houding van het gebed.
Maar ook in ons bidden kunnen we zwak en machteloos zijn. We zijn vaak geen gebedshelden. Er kan sleur en gewenning ontstaan in ons bidden. We kunnen gemakkelijk vergeten hoe belangrijk de geestelijke houding van het gebed is voor de geestelijke strijd die we moeten voeren.

We weten wat het lot zal zijn van Satan en zijn engelen. Petrus merkt op dat ze worden geworpen in de Tartarus, een term uit de Griekse mythologie, hetgeen de onderwereld betekent.
Jezus spreekt in Matteüs 25:41 over “het eeuwige vuur, dat voor de duivel en zijn engelen bereid is.”
Bij de wederkomst zullen ze het volle oordeel ontvangen.
Wat te doen tot die tijd: Bidden? Ja, maar tegelijkertijd ook het zich realiseren dat Satan eigenlijk al verloren heeft. Hij is eigenlijk een fossiel, iets wat er niet meer toe zou moeten doen. Jezus heeft hem verslagen op Golgotha! Het is aan ons in hoeverre we hem nog toestaan invloed te hebben op onze gedachten, in ons denken.
De Satan gaat dus rond als een briesende leeuw, maar God zal Zijn gemeente beschermen en wij hebbenGodswapenuitrusting en onze persoonlijke relatie met God de Vaderdoor gebed.

Dus zorg ervoordat de aan u geschonkenwapenuitrusting niet staat te roesten in uw schuur en zorg ervoor dat u uw gebedsleven krachtig blijft. Zo kunnen we de Satan weerstaan totdat JezusChristus wederkomt. Moge die dag snel komen!

Wilt u meer weten,vraag onze kosteloze Engelstalige literatuur aan: “Is There Really a Devil?”

Dat kunt u doen door een email-bericht te sturen naar info@ucgholland.nl of door literatuur kosteloos te bestellen via onze web-site www.ucg-holland.nl of ge woon via een brief per post gericht aan UCG Holland, Postbus 58, 2800 AB Gouda.

© United Church of God Holland: Adres: Postbus 93, 2800 AB Gouda. Tel 0615887801/ fax: 084-8704080
Web:
www.ucg-holland.nl. Email: info@ucg-holland.nl.

Financieel steunen? Dat kan via Bankrekening: 53.83.60.747 of Giro 3561825 te name van UCG-Holland te Gouda