Het Nederlandse Supplement van

4

mei/juni 2011

 

Mei/Juni 2011

Pinksteren!

Zondag 12 juni 2011 is een speciale dag. De Kerk van God viert dan Pinksteren, het Feest der Eerstelingen. Het feest wordt ook wel het Wekenfeest of Pentecost genoemd: 50 dagen vanaf de Sabbat van het Beweegoffer tijdens de dagen van Ongezuurde Broden. Maar wat vieren we dan eigenlijk?

 

In het proces van de openbaring van Zijn plan van behoud voor de mensheid werden Gods jaarlijkse heilige dagen ingesteld volgens de oogstseizoenen in het Midden-Oosten (Leviticus 23:9-16; Exodus 23:14-16). Zoals Zijn volk in de periode van deze drie feestseizoenen hun oogst binnenhaalde, zo tonen Gods heilige dagen ons hoe Hij bezig is met een geestelijke oogst van mensen, tot eeuwig leven in Zijn Koninkrijk. De heilige dagen openbaren stap voor stap Gods plan van behoud en hoe God werkt met de mensheid.

De inzetting

De inzetting van het Feest staat in Leviticus 23: 15-16 “Dan zult gij tellen van de dag na de sabbat, van de dag waarop gij de garve van het beweegoffer gebracht hebt: zeven volle weken zullen het zijn; tot de dag na de zevende sabbat zult gij tellen, vijftig dagen; dan zult gij een nieuw spijsoffer de HERE brengen.” Vervolgens zijn in vers 17-20 instructies rondom offeranden gegeven. Vers 20 en 21: “Op deze zelfde dag zult gij een oproep doen uitgaan, gij zult een heilige samenkomst hebben, generlei slaafse arbeid zult gij verrichten; het is een altoosdurende inzetting, in al uw woonplaatsen, voor uw geslachten. Wanneer gij de oogst van uw land binnenhaalt, dan zult gij de rand van uw veld bij uw oogst niet geheel afmaaien, en wat van uw oogst is blijven liggen, zult gij niet oplezen; dat zult gij voor de arme en de vreemdeling laten liggen: Ik ben de HERE, uw God.”

Pinksteren staat zoals de inleiding aangeeft bekend onder verschillende namen, die ontleend zijn aan de betekenis en het tijdstip ervan. Als “het feest van de oogst” (Exodus 23:16) verwijst het naar de eerstelingen (Numeri 28:26), die in het oude Israël bij het beëindigen van de voorjaarsoogsten van het graan waren ingezameld (Exodus 23:16). Het wordt ook het Feest der Weken genoemd (Exodus 34:22), een naam die afgeleid is van de zeven weken plus één dag (50 dagen in totaal) die geteld worden om te bepalen wanneer dit feest gevierd moet worden (zoals eerder aangehaald is vanuit Leviticus 23:16). Daarom ook wordt in het Nieuwe Testament dit feest Pentekostos (Grieks voor “vijftig”) genoemd. Onder de Joden is de meest algemene naam voor dit feest het Feest der Weken, ofwel shavuot in het Hebreeuws. Bij de viering van dit feest herdenken vele Joden een van de grootste gebeurtenissen in de geschiedenis: de door God op de berg Sinai geopenbaarde wet. Maar Pinksteren is niet alleen symbolisch voor het geven van de wet; het toont ook door een groot wonder dat plaatsvond op de eerste Pinksterdag van de vroege Kerk

hoe men de geestelijke bedoeling van Gods wetten moet houden.

In de tijd van Jezus werd dit feest natuurlijk ook gevierd in Jeruzalem. Ook de apostelen met hun aanhang, ongeveer 120 discipelen (zie Handelingen 1:15) waren er klaar voor om met elkaar dit feest te vieren.

Dit lezen we in Handelingen 2. Waarom waren de discipelen in Jeruzalem? Dat was in opdracht van Jezus zelf (zie Lukas 24:4953 en Handelingen 1:8, 12-14). Zij waren bijeen om het Feest der Weken met elkaar te vieren, zoals dit was ingesteld in Leviticus 23. De discipelen hadden een samenkomst. Zij waren sinds Jezus naar de hemel was opgevaren regelmatig bijeen gekomen en loofden God te midden van het volk. Ook op deze feestdag hadden zij een vroege ochtendbijeenkomst zie wat Petrus zei in zijn preek in Handelingen 2:15: "Het is pas het derde uur," dat is onze tijd 9 uur ‘s morgens. Zij kwamen vroeg bij elkaar om te bidden, te prijzen en hun verwachting te versterken. En toen... plotseling, onverwachts... vond een inval plaats.

Geen inval van de tempelpolitie of van de Romeinen, maar van een op dat moment nog onbekende kracht want niemand realiseerde zich meteen wat er gebeurde. Er was een geluid als van een geweldige windvlaag dat het gehele huis vulde en het was te horen op straat, want van overal stroomden de mensen samen.

De uitstorting van de Heilige Geest

Er verscheen iets wat het best te vergelijken was als tongen van vuur die zich verdeelden en zich op elke aanwezige zetten. Het waren geen 12 tongen, maar misschien wel 120 tongen.

Handelingen 2:2-4: “En eensklaps kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en vulde het gehele huis, waar zij gezeten waren; en er vertoonden zich aan hen tongen als van vuur, die zich verdeelden, en het zette zich op ieder van hen; en zij werden allen vervuld met de heilige Geest en begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken.”

De discipelen eenvoudige mannen en vrouwen, die slechts Hebreeuws spraken en mogelijk ook Grieks spraken daarna in voor hen zelf onbekende talen. Maar de vreemdelingen, Joden uit alle windstreken van het Romeinse Rijk, hoorden hen over God en zijn grote werken in hun eigen talen spreken. Er was vreugde, extase, opwinding. We zullen niet lang bij dit wonder stilstaan, maar het is werkelijk wonderbaarlijk wat er hier gebeurde. Wat er hier gebeurde in vers 1-4 is het begin van Gods Kerk. Pinksteren 31 AD markeert het begin van Gods door Zijn Geest geïnspireerde Nieuwtestamentische Kerk. Op deze wijze werd de Kerk bekrachtigd voor haar opdracht om het evangelie in de wereld te gaan verkondigen. Toen de rust een beetje was teruggekeerd stapte Petrus naar voren en gaf de omstanders uitleg en toelichting en verkondigde ‘recht op de man af’ het evangelie. Duizenden mensen hoorden hem aan. Was het de Geest met dat geluid van die wind en met dat vuur er misschien om te doen geweest om daarmee die menigte bij de discipelen te verzamelen?

De Kerk als eerstelingen

In Romeinen 8:29 wordt over Jezus Christus gesproken als “de eerstgeborene .. onder vele broederen.” De nieuwtestamentische Kerk wordt ook beschouwd als eerstelingen. Sprekend over de Vader zei Jakobus: “Naar Zijn raadsbesluit heeft Hij ons voortgebracht door het woord der waarheid, om in zekere zin eerstelingen te zijn onder Zijn schepselen” (Jakobus 1:18). Paulus verwees ook naar de broeders als degenen “die de eerstelingen des Geestes hebben” (vers 23, Statenvertaling). Hij vermeldde verscheidene christenen uit de eerste eeuw als eerstelingen van Gods roeping (Romeinen 16:5; 1 Korintiërs 16:15).

Een stap in Gods plan

God volgt een systematisch plan, gesymboliseerd door Zijn heilige dagen, om de gehele mensheid te redden door alle mensen eeuwig leven te bieden in Zijn Koninkrijk. Pinksteren staat symbool voor één van de stappen in dit plan. Paulus begreep dit: “Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. Maar ieder in zijn eigen rangorde: Christus als eersteling, vervolgens die van Christus zijn bij Zijn komst” (1 Korintiërs 15:22-23).
Pinksteren is het feest van de eerstelingen, de eersten die nu door God geroepen worden De betekenis uit het Oude TestamentPinksteren als het feest van de eerste oogstpast hier uitstekend bij.

Water als symbool voor de Heilige Geest

De Geest komt als een windvlaag, een storm, en als een rivier. Jezus zelf gebruikte het beeld van een rivier voor de werking van de kracht van de Heilige Geest in Johannes 7:37

39. Hij zei: “En op de laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus en riep, zeggende: Indien iemand dorst heeft, hij kome tot Mij en drinke! Wie in Mij gelooft, gelijk de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien.” De NBV zegt het duidelijker: "Rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie in mij gelooft." Vers

39: Dit zeide Hij van de Geest, welke zij, die tot geloof in Hem kwamen, ontvangen zouden; want de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt was.”

In dit supplement wordt doorgegaan op twee aspecten van rivieren in Nederland, hoe wij daarmee omgaan en hoe deze een metafoor kunnen zijn over hoe wij omgaan of om zouden kunnen gaan met de Heilige Geest in ons.

Binnen de oevers

Stel je voor dat de Geest als een rivier komt, die niet binnen beddingen is te houden, maar die dijken verbreekt en het land overstroomt. Een grote rivier, zo vol en krachtig, dat zij buiten haar oevers treedt en het land overstroomt, zoals de Mississippi nu in de USA, maar zoals vroeger ook de Nijl in Egypte. De Egyptenaren vertrouwden op de overstroming van de Nijl voor het voeden, het irrigeren en het reinigen van het land. Wij Nederlanders zijn goed in het beteugelen van onze grote rivieren. We hebben de machtige rivieren Rijn, Maas, Waal, IJssel heel onze delta tussen dijken ingebed en zij moeten zich wringen door soms te nauwe beddingen. We hebben rivieren recht gemaakt, we hebben stenen oevers gemaakt zodat het water als via een kanaal zo snel mogelijk de zee in kan stromen. Nu echter dringt het langzaam tot ons door dat die rivieren zo vol en onstuimig kunnen worden dat we ze toch meer de ruimte moeten geven, omdat zij anders de dijken dreigen te verzwakken en het land alsnog kunnen overstromen. Dat hebben we nog niet zo lang geleden ook in Nederland helaas ervaren. Nu realiseren we ons dat wij de machtige rivieren te veel beperkingen hebben opgelegd en dat het gevaar van dijkdoorbraak op de loer ligt. Bij hoge waterstanden gaan we ze meer ruimte geven en daarom worden er nu overstroomgebieden aangewezen.

Beteugelen wij de Heilige Geest?

De vraag dringt zich op of wij ook niet bezig zijn de rivier van levend water te beteugelen? Zijn wij stiekem ook niet bezig de Heilige Geest bij ons te beteugelen en te voorkomen dat deze zichtbaar is voor allen en uitvloeit naar buiten? Als puntje bij paaltje komt, als u werkelijk diep in uw hart kijkt, wilt u dan dat God u vervult en gebruikt zoals Hij dat zou willen? Willen wij dat Hij door ons heen stroomt als een krachtige rivier en ons tot vurige getuigen van de Heer maakt? De tijd gaat komen dat de Heilige Geest in deze tijd een grotere stroombedding gaat zoeken. Er komt een tijd dat Gods Geest zich niet zal laten limiteren tot wat wij willen. Gods plan gaat door en er komt een tijd dat de zoons en dochters zullen profeteren. Zullen wij daarbij zijn? Toen de Heilige Geest zich op de eerste Pinksterdag te Jeruzalem met donderend geweld op de gelovigen stortte, wist Petrus dat dit de vervulling was van de profetie van Joël (Handelingen 2:16,17): "Maar dit is het, waarvan gesproken is door de profeet Joël: En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, dat Ik zal uitstorten van mijn Geest op alle vlees." Wij weten nu dat het de eerste vervulling van de profetie was en dat er een tweede vervulling van deze profetie gaat komen. Joël 2:28,29 zegt: "Daarna zal het geschieden, dat Ik mijn Geest zal uitstorten op al wat leeft..." De Bijbel spreekt profetisch duidelijk over de intentie van God om Zijn Geest met grote kracht massaal op de mensheid uit te storten. Hebben wij onze dijken zo hoog gezet dat het water ons voorbij gaat of zijn wij op die tijd voorbereid en hebben we grote stroomgebieden aangelegd? Wij, de Kerk van God, hopen en bidden dat de tijd komt, ook voor ons land, voor ons werk hier, dat Hij komt als een machtige, onstuimige rivier, het beeld dat Jesaja gebruikte in Jesaja 59:19: "Want Hij komt als een onstuimige rivier door de adem (lees: Geest) van de Heer voort ge

zweept."

Vervuiling

De vervuiling van onze prachtige rivieren doet ons denken aan de mogelijke vervuiling, verontreiniging, in ons of binnen Gods gemeente. Zijn er onzuivere elementen bij ons binnen geslopen? Deze vervuilingen en verontreinigingen kunnen aanleiding geven tot ernstige problemen.

Geestelijke verontreiniging

De eerste generatie van Christenen krijgt direct al waarschuwingen om reinheid en zuiverheid te bewaren in de gemeente. De apostelen sloten het niet uit dat er na hen veel verontreiniging zou kunnen binnensluipen in de gemeenten. Men bemoedigde dan ook de gelovigen om op hun hoede te zijn en goed op te letten (Handelingen 20:2931). Nu zijn we twintig eeuwen verder en we hebben de wolven in Gods Kerk gezien. We weten dat God het kaf van het koren zal scheiden. Wij moeten geloof hebben dat dit gaat gebeuren.
Om alle verontreiniging uit de gemeente van de Heer weg te spoelen is een sterke beweging van Gods Heilige Geest nodig. Jesaja’s profetie spreekt daarover in Jesaja 4:4: “wanneer de Here het vuil der dochters van Sion zal hebben afgewassen en de bloedvlekken van Jeruzalem daaruit zal hebben weggespoeld door de Geest van gericht en van uitdelging.”

Alle zonde zal door de Geest van gericht en van uitdelging gezuiverd moeten worden. Via het bloed van Jezus Christus en door Gods Geest via een proces van berouw, bekering en geloof. Deze reiniging behoort ook onze prioriteit te zijn als er zonde en ongerechtigheid in ons leven is. Voordat iemand door Gods Geest gebruikt kan worden, wil Hij het hart en de geest reinigen. Ons hart en geest reinigen en gereinigd houden behoort onze prioriteit te zijn. Lees nogmaals die mooie profetie van Jesaja 59:19-20. Deze profetie richt zich op het geweld van Gods Geest, maar wijst ook op de geweldige reinigende werking.

Geestelijke zuivering

De Verenigde Kerk van God Holland kijkt uit naar de tijd dat Gods Geest komt met de kracht van het woord en het bloed van Jezus om te zuiveren, te reinigen en te verlossen. Het resultaat van dit proces zal zijn dat uiteindelijk overal op deze planeet de Naam van de Heer geëerbiedigd zal worden en zijn heerlijkheid aanschouwd zal worden.

God wil komen en zuiveren en reinigen. De Naam van de Heer behoort geëerbiedigd te worden en zijn heil behoort verheerlijkt te worden. Om een dergelijke mas-sale verandering voor elkaar te brengen is een voor ons mensen onuitvoerbaar plan. Maar als dit Gods plan is, dan behoren we klaar te zijn om hier ons aandeel in te leveren. God wil de redding van alle mensen. Zijn heil gaat komen. Jesaja jubelde daarover al meer dan 26 eeuwen geleden in Jesaja 56:1: “Zo zegt de HERE: Onderhoudt het recht en doet gerechtigheid, want mijn heil staat gereed om te komen en mijn gerechtigheid om zich te openbaren.”

Geestelijke toerusting

Het is ook duidelijk dat deze uitstorting van de Heilige Geest de gelovigen uitrust met krachten en gaven om het getuigenis van Jezus Christus in de wereld uit te dragen. Daartoe zal Hij echter in het hart en leven van de gelovigen heiligheid en godsvrucht willen cultiveren, want zonder deze geestelijke kwaliteit van leven is er geen gemeenschap met God mogelijk. Daarom zei Jezus in Johannes 15:5: "Zonder Mij kunt gij niets doen."
Dus wat houdt Pinksteren 2011 voor ons in? We gedenken de komst van de Heilige Geest. Niet enkel voor de eerste gemeente in 31 AD, maar ook voor ons en ook zoals deze in de toekomst nog zal worden uitgestort.

Wij wensen u een gezegend feest toe.

Meer informatie over het Pinksterfeest en de overige heilige dagen van God kunt u vinden in het boekje “Gods plan volgens Zijn heilige dagen”.

Het Nederlandse Supplement van The Good News